ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ5198
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardedrukkend effect bodemverontreiniging op WOZ-waarde woning
De rechtbank Noord-Holland behandelde een geschil over de WOZ-waarde van een vrijstaande woning voor het belastingjaar 2011, vastgesteld op €452.782. Eiser betwistte deze waarde en stelde een lagere waarde van €333.862 voor, mede vanwege ernstige bodemverontreiniging met nikkel op het perceel.
Verweerder baseerde de vaststelling op de vergelijkingsmethode met verkoopprijzen van drie referentiewoningen in dezelfde wijk, vergelijkbaar in grootte, bouwjaar en voorzieningen. De rechtbank vond dat deze referentiewoningen voldoende vergelijkbaar waren en dat de gehanteerde waarde niet onredelijk was, mede gezien de verkoopprijs van een referentiewoning in dezelfde straat.
Hoewel sprake was van bodemverontreiniging, werd de sanering niet als urgent beschouwd en waren er geen aanwijzingen voor waardedrukkende effecten die de vastgestelde WOZ-waarde zouden ondermijnen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het beroep tegen weigering tot herziening van WOZ-waarden over voorgaande jaren niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard; de waarde is niet te hoog vastgesteld ondanks bodemverontreiniging.