ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ3279
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op afdrachtvermindering onderwijs voor vervolgopleidingen en artsen in opleiding
Eiseres vordert afdrachtvermindering onderwijs voor werknemers die vervolgopleidingen volgen aan een hogeschool, artsen in opleiding en aio’s/oio’s. De rechtbank beoordeelt of deze opleidingen en werknemers onder artikel 14 van Pro de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie volksverzekeringen (WVA) vallen.
De rechtbank stelt vast dat de opleidingen vervolgopleidingen zijn en niet onder de initiële opleidingen vallen die recht geven op afdrachtvermindering. Ook artsen in opleiding worden niet gezien als werknemers die recht hebben op afdrachtvermindering omdat zij primair worden opgeleid tot arts en niet tot wetenschappelijk onderzoeker. Voor aio’s en oio’s heeft eiseres onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de vereiste overeenkomsten zijn opgemaakt conform de wettelijke eisen.
Verder wordt het betoog van eiseres verworpen dat de heffingsrente vanaf de datum van suppletie-aangifte berekend moet worden. De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd en dat de heffingsrente correct is berekend. Wel wordt de kostenvergoeding voor de bezwaarfase toegekend omdat de boete ten onrechte is opgelegd.
De rechtbank verklaart het beroep tegen de naheffingsaanslag 2005 gegrond en vernietigt het besluit over de kostenvergoeding, terwijl het beroep tegen de aanslag 2006 ongegrond wordt verklaard. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Beroep tegen naheffingsaanslag 2005 gegrond, beroep tegen 2006 ongegrond, kostenvergoeding toegekend.