ECLI:NL:RBNHO:2013:9534
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke invoer van 2,8 kilogram cocaïne via Schiphol
Op 14 juli 2013 werd verdachte op Schiphol aangehouden met ongeveer 2,8 kilogram cocaïne in haar rolkoffer. Verdachte verklaarde aanvankelijk dat de koffer van haar was en dat zij de pakketten had gekregen, maar gaf later wisselende verklaringen over de inhoud en eigendom van de koffer.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzettelijk de cocaïne heeft ingevoerd, omdat zij bekend was met de inhoud van haar bagage en er geen aannemelijke omstandigheden waren die dit ontkrachtten. Het feit dat verdachte wisselende verklaringen gaf, versterkte dit oordeel.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 29 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, rekening houdend met haar leeftijd en het feit dat zij niet eerder met justitie in aanraking was geweest. De tijd in voorarrest wordt in mindering gebracht.
De straf weerspiegelt de ernst van het feit, de hoeveelheid cocaïne en de maatschappelijke impact van drugshandel. De rechtbank wees het verweer van onwetendheid af en bevestigde de strafbaarheid van het handelen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 29 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, wegens opzettelijke invoer van cocaïne.