ECLI:NL:RBNHO:2013:8255
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk onjuist indienen van aangiften omzetbelasting
De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte veroordeeld wegens het opzettelijk onjuist en onvolledig indienen van aangiften omzetbelasting namens zijn ondernemingen in de periode van juli 2010 tot april 2011. Deze handelingen leidden tot het betalen van te weinig belasting en een aanzienlijk fiscaal nadeel. Verdachte werd vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten van oplichting en administratieverzuim, omdat onvoldoende bewijs was dat hij deze handelingen had verricht of dat hij als bestuurder verantwoordelijk was na verkoop van de onderneming.
Het bewijs bestond onder meer uit bekentenissen van verdachte, ambtelijke verklaringen, verhoren van getuigen, schriftelijke bescheiden en fiscale documenten. Verdachte gaf toe dat hij de aangiften omzetbelasting had ingediend terwijl nog niet alle omzetgegevens bekend waren, met het voornemen deze later te corrigeren. De rechtbank oordeelde dat verdachte opzet had op het onjuist en onvolledig doen van deze aangiften.
De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 180 dagen, waarvan 69 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, en een taakstraf van 100 uur. Bij de strafoplegging werd rekening gehouden met het feit dat verdachte niet eerder was veroordeeld en met het langdurige elektronische toezicht tijdens voorlopige hechtenis. De vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen werden afgewezen wegens gebrek aan bewijs voor de gerelateerde feiten.
De uitspraak werd gedaan op 13 september 2013 door een meervoudige strafkamer van de rechtbank Noord-Holland.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 180 dagen gevangenisstraf waarvan 69 dagen voorwaardelijk en 100 uur taakstraf wegens opzettelijk onjuist indienen van aangiften omzetbelasting.