ECLI:NL:RBNHO:2013:6865
Rechtbank Noord-Holland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlaging kinderbijdrage met toepassing woonlandbeginsel
Partijen zijn gehuwd geweest en hebben een kind dat bij de vrouw in Nederland woont. De man verzoekt de vastgestelde kinderbijdrage te verlagen wegens gewijzigde draagkracht, onder meer door hertrouwen en een nieuw kind in Marokko. De vrouw erkent de wijziging, maar betwist verlaging van de bijdrage.
De rechtbank stelt vast dat de man onderhoudsplichtig is jegens twee kinderen, één in Nederland en één in Marokko. De draagkrachtberekening van de man wordt niet betwist en toont een draagkrachtruimte van circa €323 per maand. Op grond van het woonlandbeginsel wordt 70% van deze draagkracht toegekend aan het kind in Nederland, rekening houdend met het lagere kostenniveau in Marokko.
De rechtbank oordeelt dat de bijdrage aan het kind in Nederland nog steeds voldoet aan de wettelijke maatstaven en wijst het verzoek van de man af. De man kan tegen deze beschikking hoger beroep instellen.
Uitkomst: Het verzoek tot verlaging van de kinderbijdrage wordt afgewezen en de bijdrage blijft ongewijzigd.