Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 maart 2026 de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser,
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , verweerder
Procesverloop
1 januari 2023. Bij deze beschikking heeft de heffingsambtenaar aan eiser als eigenaar van deze woningen ook een aanslag onroerendzaakbelasting en rioolheffing opgelegd, waarbij deze waardes als heffingsmaatstaf zijn gehanteerd.
14 mei 2024 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiser ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van de woning gehandhaafd.
Overwegingen
Conclusie en gevolgen
Beslissing
P.W. Hogenbirk, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 11 maart 2026.