Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar tegen een beschikking van de Dienst Toeslagen over aanvullende compensatie. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiseres het beroep tijdig heeft ingediend na ingebrekestelling.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen twee weken na verzending van de uitspraak een besluit moet nemen, met een uiterste beslistermijn van 1 februari 2027. Voor elke dag overschrijding van deze termijn moet verweerder een dwangsom van € 100,- betalen, met een maximum van € 15.000,-.
Omdat reeds 42 dagen zijn verstreken sinds ingebrekestelling, stelt de rechtbank de dwangsom vast op € 1.442,-. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres (€ 467,-) en het betaalde griffierecht (€ 54,-).