Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De zitting
10 februari 2026. Met toestemming van de officier van justitie en de advocaat is het onderzoek ter zitting enkelvoudig gesloten op de zitting van 10 maart 2026, waarna direct uitspraak is gedaan.
- [verdachte] ;
- de advocaat van [verdachte] , mr. M.M. Helmers;
- de officier van justitie, mr. M.M.L. Kalsbeek;
- de advocaat van de benadeelde partij [slachtoffer 3] , te weten mr. J. de Vries;
- de moeder van [verdachte] , [A] ;
- de jeugdreclasseerder bij SAVE, [B] ,
- de raadsonderzoeker van de Raad voor de Kinderbescherming, [C] .
2.De tenlasteleggingen
[slachtoffer 3] van het leven te beroven;
3.Het bewijs in zaak A (overval op [horecagelegenheid] in Hooglanderveen)
4.Het bewijs in zaak B (overval woning [slachtoffer 3] in Leusden)
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 2]]. Als eerste ging [verdachte] uit de auto. Op een gegeven moment appte [verdachte] dat wij moesten komen. De bestuurder van de auto bleef in de auto achter. Ik pakte vapes uit de woonkamer. [6]
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 3]] zag ik op de grond twee volle doosjes vapes liggen. Ik zag dat dit de voorwerpen waren die de verdachte eerder droeg want ik herkende de vorm en kleuren. [8]
- een plastic verpakking van een vape van het merk JNR;
- een kartonnen verpakking van een vape van het merk JNR, batchnummer Y2M1D1-BT8500.
de rechtbank begrijpt: de woning van de aangever] werden in de woonkamer zes vapes aangetroffen. De batchnummers van de vapes in de woning kwamen overeen met de verpakking van de vape die in de prullenbak werd aangetroffen. [9]
5.Het bewijs in zaak C (bezit boksbeugel)
- De bekennende verklaring van [verdachte] op de zitting van 10 februari 2026;
- Een proces-verbaal van bevindingen van 20 mei 2024 over het aantreffen van de boksbeugel;
6.Bewezenverklaring
7.Kwalificatie en strafbaarheid
8.Strafoplegging
9.In beslag genomen voorwerpen
10.Vordering benadeelde partij in zaak B
11.Vordering tot tenuitvoerlegging
12.Toegepaste wetsartikelen
- 36b, 36c, 36f, 47, 77a, 77g, 77i, , 77w, 77wa, 77wc, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg en 312 van het Wetboek van Strafrecht;
- 13 en 26 van de Wet Wapens en Munitie.
13.De beslissing
een jeugddetentie van 180 dagen;
van de jeugddetentie een gedeelte van 101 dagen niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd (het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde jeugddetentie is dus gelijk aan de duur die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, zodat verdachte niet terug hoeft naar de jeugdgevangenis);
algemene voorwaardendat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige voor de duur van 12 maanden, bestaande uit het volgende;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast voor de duur
van maximaal
mr. S.D. Groen, kinderrechters, in tegenwoordigheid van mr. B.J. Molals griffier en is in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2026.