Eiseres, statutair bestuurder van Inntinn Holding B.V., vordert loonbetaling vanaf januari 2026 na haar ontslagbesluit op 24 oktober 2025. Zij stelt dat het ontslag niet rechtsgeldig is en dat zij als gewone werknemer moet worden beschouwd. Inntinn betwist dit en voert aan dat zij statutair bestuurder is benoemd en het ontslag rechtsgeldig is.
De kantonrechter oordeelt dat zij aanvankelijk niet bevoegd is omdat het ontslag statutair bestuurder betreft, maar na wijziging van de feitelijke grondslag naar gewone werknemer wel bevoegd is om over de loonvordering te oordelen. De kantonrechter stelt dat eiseres geen spoedeisend belang heeft omdat zij een ontslagvergoeding heeft ontvangen die haar levensonderhoud voorlopig dekt.
Verder is onvoldoende aannemelijk dat eiseres een gewone werknemer is, gezien het benoemingsbesluit, de inschrijving bij de Kamer van Koophandel, en haar aanvaarding van de functie als statutair bestuurder. Ook is onvoldoende aannemelijk dat het ontslagbesluit vernietigbaar is wegens schending van hoorplicht of onzorgvuldigheid. De loonvordering wordt daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.