ECLI:NL:RBMNE:2026:482
Rechtbank Midden-Nederland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Toewijzing ontruiming en betaling huurachterstand na beëindiging tijdelijke huurovereenkomst
Woonin verhuurde een woning aan [gedaagde] op basis van een tijdelijke huurovereenkomst gekoppeld aan een begeleidingsovereenkomst. De huurovereenkomst liep tot 31 juli 2025 en werd niet verlengd vanwege het niet naleven van afspraken door [gedaagde], waaronder het niet beschikbaar zijn voor huisbezoeken en het inschrijven van onbekenden op het adres.
Woonin vorderde ontruiming van de woning en betaling van een huurachterstand van €6.083,00 plus een maandelijkse gebruiksvergoeding van €768,04 vanaf januari 2026. [gedaagde] was niet verschenen op de zitting en reageerde niet inhoudelijk, waardoor verstek werd verleend.
De kantonrechter oordeelde dat Woonin een spoedeisend belang had en dat het zeer waarschijnlijk was dat de vordering in een bodemprocedure zou worden toegewezen. De huurovereenkomst was rechtsgeldig geëindigd en de huurachterstand was aanzienlijk, wat rechtvaardigt dat de ontruiming en betaling worden toegewezen.
De ontruimingstermijn werd vastgesteld op 14 dagen na betekening van het vonnis. Daarnaast werd [gedaagde] veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, de gebruiksvergoeding en de proceskosten van €1.424,47. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, zodat het direct kan worden uitgevoerd.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering tot ontruiming en betaling van huurachterstand toe en veroordeelt de huurder in de proceskosten.