Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de rechtbank van 13 januari 2026 in de zaak tussen
[verzoekster] , te [woonplaats] , verzoekster
de heffingsambtenaar van de gemeente Almere , verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Midden-Nederland
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag van de gemeente Almere, die op bezwaar was gehandhaafd. Verweerder heeft later erkend dat de aanslag ten onrechte was opgelegd en bood aan deze te vernietigen, waarna verzoekster het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank beoordeelt het verzoek om proceskostenvergoeding op grond van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit proceskosten bestuursrecht. Hoewel verweerder aan het beroep tegemoet is gekomen, heeft verzoekster geen proceskostenformulier ingediend en geen bewijs geleverd van gemaakte kosten die voor vergoeding in aanmerking komen.
De rechtbank concludeert dat er geen aanleiding is om verweerder te veroordelen in de proceskosten en wijst het verzoek af. Het reeds door verweerder aangeboden griffierecht van €53,- wordt als voldoende beschouwd en volgt rechtstreeks uit de wet.
De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier S.N. Lekatompessij op 13 januari 2026 te Utrecht.
Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van bewijs van gemaakte kosten.