Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. M.M.L. Kalsbeek;
- de advocaat van de verdachte: mr. W.E. van Veldhuizen (hierna: de advocaat);
- de benadeelde partijen: [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]
- de advocaat van de benadeelde partijen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] : mr. F.M.M. Buijs;
- de gemachtigde van de benadeelde partij [slachtoffer 3] : [.] .
2.Tenlastelegging
- subsidiair is de beschuldiging zware mishandeling, waarbij [slachtoffer 2] een schedelbreuk, een ingescheurd oor en scheefstaande en afgebroken tanden is toegebracht;
- meer subsidiair is de beschuldiging poging tot zware mishandeling.
- subsidiair is de beschuldiging zware mishandeling, waarbij [slachtoffer 5] een neusbreuk is toegebracht;
- meer subsidiair is de beschuldiging dat hij [slachtoffer 5] heeft mishandeld, door hem een elleboogstoot in het gezicht te geven.
tegen [slachtoffer 8] te roepen '' [slachtoffer 8 (voornaam)] , ik pak jou nog wel'',
(nep)vuurwapen te tonen, de personen daarmee te bedreigen, [slachtoffer 4] tegen het hoofd te slaan, een ruit van een auto in te slaan en meerdere schoten te lossen.
3.Bewijs
Feit 2: vernieling van auto in vereniging.
/ofzich daar voor te doen als
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf en/of maatregel
- een gevangenisstraf van 4 jaar, zonder aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, met als bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd;
- de gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht (hierna: GVM).
6.Vorderingen benadeelde partijen
7.Vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke straf
8.Toegepaste wetsartikelen
9.De beslissing
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van
- stelt daarbij een proeftijd van
- stelt als algemene voorwaarden dat verdachte:
maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperkingals bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] gedeeltelijk toe, tot een bedrag van € 30.543,46, bestaande uit € 2.253,46 aan materiële schade en € 28.290,- aan immateriële schade;
- verklaart [slachtoffer 1] voor het meer of anders gevorderde niet ontvankelijk in de vordering, en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2025 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 30.543,46 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 159 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] gedeeltelijk toe, tot een bedrag van € 5.946, bestaande uit € 771 aan materiële schade en € 5.175,- aan immateriële schade;
- verklaart [slachtoffer 2] voor het meer of anders gevorderde niet ontvankelijk in de vordering, en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2025 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 5.946 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 54 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] gedeeltelijk toe, tot een bedrag van € 2.989,25, bestaande uit materiële schade;
- verklaart [slachtoffer 3] voor het meer of anders gevorderde niet ontvankelijk in de vordering, en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) aan de benadeelde is betaald, de verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat € 2.989,25 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 29 dagen gijzeling;
- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- verklaart [slachtoffer 4] niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil.
- verklaart [slachtoffer 9] niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil.