ECLI:NL:RBMNE:2026:3982

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
24 juni 2026
Publicatiedatum
5 juli 2026
Zaaknummer
12234934 \ MV EXPL 26-73
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing kort geding huur winkelruimte naar juiste zittingslocatie Utrecht

In deze zaak heeft eiser een kort geding aangespannen tegen gedaagde betreffende de huur van een winkelruimte gelegen aan een adres in Nieuwegein. Tijdens de mondelinge behandeling op 18 juni 2026 was eiser aanwezig, maar gedaagde verscheen niet. De kantonrechter constateerde dat de zaak niet op de juiste zittingslocatie werd behandeld, aangezien de winkelruimte zich in Nieuwegein bevindt en de zaak volgens het Zaaksverdelingsreglement van de rechtbank Midden-Nederland op de locatie Utrecht behandeld moet worden.

De kantonrechter besloot daarom de zaak in de huidige stand te verwijzen naar de rechtbank Midden-Nederland, afdeling Civiel recht, kantonzaken, zittingslocatie Utrecht. Tevens werd aan eiser medegedeeld dat bij de nieuwe zittingslocatie geen nieuw griffierecht betaald hoeft te worden. Een verdere beslissing in de zaak werd aangehouden totdat de zaak op de juiste locatie opnieuw wordt behandeld.

Het vonnis werd uitgesproken op 24 juni 2026 door mr. R.M. Berendsen. De procedure wordt voortgezet op de juiste locatie met een nieuwe oproeping van gedaagde.

Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar de juiste zittingslocatie Utrecht en verdere beslissing wordt aangehouden.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Almere
Zaaknummer: 12234934 \ MV EXPL 26-73
Vonnis in kort geding van 24 juni 2026
in de zaak van
[eiser],
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
procederend in persoon,
tegen
[gedaagde],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1
[eiser] heeft [gedaagde] in kort geding gedagvaard voor de kantonrechter. Op 18 juni 2026 vond de mondelinge behandeling plaats. [eiser] was bij de zitting aanwezig. [gedaagde] is niet op de zitting verschenen. De griffier heeft aantekeningen van de zitting gemaakt.
1.2
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1
[gedaagde] is niet op de zitting verschenen, maar tegen hem wordt op dit moment nog geen verstek verleend. De kantonrechter constateert dat de zaak betrekking heeft op huur van winkelruimte gelegen aan het adres [adres] in [plaats] en dat deze zaak in een andere zittingslocatie wordt behandeld dan de zittingslocatie die in de dagvaarding is vermeld. Dit moet zijn: rechtbank Midden-Nederland, zittingslocatie Utrecht; zie het Zaaksverdelingsreglement en de Nadere regels van de rechtbank Midden-Nederland, Staatscourant 2023, 26339. De kantonrechter zal de zaak naar de juiste zittingslocatie verwijzen, alwaar [gedaagde] voor een nieuwe zitting opgeroepen zal moeten worden.

3.De beslissing

De kantonrechter, rechtdoende in kortgeding,
3.1
verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de rechtbank Midden-Nederland, afdeling Civiel recht, kantonzaken, zittingslocatie Utrecht,
3.2
wijst de eisende partij erop dat zij bij de zittingslocatie waarnaar wordt verwezen, niet opnieuw griffierecht hoeft te betalen,
3.3
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.M. Berendsen en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2026.
PM/45352