Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
[verzoeker],
1.
[belanghebbende 1],
[belanghebbende 2],
[belanghebbende 3],
1.De procedure
- het aan de rechtbank gerichte verzoekschrift van 7 november 2025, strekkende tot de benoeming van een vereffenaar;
- het verweerschrift met tegenverzoeken van [belanghebbende 3] van 17 december 2025; strekkende tot ontslag van [bewindvoerder] als beschermingsbewindvoerder, het bewind aan de familie terug te geven en hemzelf naast [belanghebbende 1] als mede-mentor aan te wijzen;
- de brief van mrs. M.E.V. Maas en R.P.G.H. Heijnen, beoogd vereffenaars van 27 februari 2026;
- het verweerschrift van [bewindvoerder] van 6 maart 2026 op de tegenverzoeken van [belanghebbende 3] ;
- het e-mailbericht met bijlagen van [belanghebbende 1] van 9 maart 2026;
- de brief van [belanghebbende 3] van 12 maart 2026.
- mw. [A.] namens [bewindvoerder] ;
- mr. A.H. de Jong, advocaat van [bewindvoerder] ;
- [belanghebbende 3] ;
- [belanghebbende 1] ;
- [belanghebbende 2] ;
- mw. [B.] en mw. [C.] , toehoorders.
2.De feiten
[erflater], hierna te noemen: erflater. Hij woonde voor het laatst in [plaats] .
3.Het verzoek, de tegenverzoeken en het verweer
4.De beoordeling
alleerfgenamen gezamenlijk de nalatenschap moeten vereffenen, waarbij ook [bewindvoerder] (namens [erflater] ) betrokken dient te worden.
5.De beslissing
mr. R.P.G.H. Heijnen, kandidaat-notaris,