ECLI:NL:RBMNE:2026:3617
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. Coenen
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding voor medische deskundige bij ingetrokken beroep tegen UWV-besluit
Verzoekster heeft haar beroep tegen een besluit van het UWV ingetrokken nadat het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar heeft genomen die tegemoetkomt aan haar verzoek. Zij verzocht om vergoeding van proceskosten en de kosten van een ingeschakelde medisch adviseur. Het UWV stemde in met een proceskostenvergoeding van 2,5 punten maar verzette zich tegen vergoeding van de deskundigenkosten vanwege een ongespecificeerde factuur.
De rechtbank oordeelde dat het UWV aan verzoekster was tegemoetgekomen en dat vergoeding van proceskosten daarom passend is. Hoewel de factuur van de medisch adviseur geen urenverantwoording en uurtarief bevatte, achtte de rechtbank het onredelijk om de kosten geheel niet te vergoeden. Daarom stelde de rechtbank zelf een redelijke vergoeding vast op basis van het geldende tarief en een redelijke inschatting van de bestede tijd.
De totale proceskostenvergoeding, inclusief de kosten van de medisch adviseur en de beroepsmatig verleende rechtsbijstand, werd vastgesteld op € 3.909,26. Daarnaast wees de rechtbank erop dat verzoekster het griffierecht rechtstreeks bij het UWV kan claimen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 3.909,26 aan proceskosten aan verzoekster, inclusief een redelijke vergoeding voor de medisch adviseur.