Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:3531

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
19 juni 2026
Publicatiedatum
19 juni 2026
Zaaknummer
UTR 24/5531
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:19 AwbBesluit proceskosten bestuursrechtWet maatschappelijke ondersteuningWet langdurige zorgAlgemene plaatselijke verordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging omgevingsvergunning verplaatsing Domus Almere na herstel gebreken

Deze bestuursrechtelijke zaak betreft de omgevingsvergunning voor de verplaatsing van Domus Almere naar Almere Poort, waarbij 35 wooneenheden worden gerealiseerd voor personen met meervoudige problematiek. De rechtbank had eerder een tussenuitspraak gedaan waarin gebreken in de vergunning werden vastgesteld, met name een onjuist aantal wooneenheden en een motiveringsgebrek.

Het college heeft deze gebreken hersteld door het aantal wooneenheden aan te passen en de motivering te verduidelijken, inclusief het toevoegen van drie voorschriften die het Sociaal beheerplan verplicht stellen. Dit plan bevat maatregelen om de sociale veiligheid en leefbaarheid te waarborgen, zoals huisregels en handhaving door de exploitant.

De rechtbank oordeelt dat het herstelbesluit de gebreken adequaat heeft verholpen en dat de belangenafweging zorgvuldig is gemaakt, waarbij de belangen van eiseres zijn meegewogen maar niet zwaarder dan die van de gemeente en vergunninghouder. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, handhaaft de vergunning en veroordeelt het college tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.

Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, handhaaft de gewijzigde omgevingsvergunning en veroordeelt het college tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/5531

uitspraak van de meervoudige kamer van 19 juni 2026 in de zaak tussen

Stichting Aeres Groep, gevestigd in Ede, eiseres

(gemachtigde: mr. P.C.T. Bijveld),
en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, verweerder

(gemachtigde: mr. J.J. Molenaar).
Als derde-partij neemt aan het geding deel:
Trebbe Wonen B.V., gevestigd in Enschede , vergunninghouder
(gemachtigde: P. Kok).

Procesverloop

1.1.
Deze zaak gaat over de verplaatsing van de zogeheten Domus Almere van het centrum van Almere naar het perceel op de hoek van de kruising van het Cascadepad en de busbaan aan de oostrand van het Europakwartier in Almere Poort (het perceel). Domus Almere is een 24-uurs beschermde woonvorm van het Leger des Heils voor personen die kampen met een meervoudige problematiek, waaronder verslaving. Op het perceel zullen 35 wooneenheden in een maatschappelijke voorziening worden gerealiseerd. De dag- en nachtopvang voor dak- en thuislozen wordt niet verplaatst en blijft in het centrum van Almere. Voor deze ontwikkeling heeft het college aan vergunninghouder op 12 juli 2024 een omgevingsvergunning voor planologisch afwijken verleend, nadat de gemeenteraad van de gemeente Almere een verklaring van geen bedenkingen had afgegeven.
1.2.
Op 1 september 2025 heeft de rechtbank in deze zaak een tussenuitspraak (de tussenuitspraak) gedaan. Voor het procesverloop tot dat moment verwijst de rechtbank naar de tussenuitspraak.
1.3.
In de tussenuitspraak heeft de rechtbank het college in de gelegenheid gesteld om binnen zes maanden na verzending van de tussenuitspraak, met inachtneming van wat in de tussenuitspraak is overwogen, de geconstateerde gebreken in de omgevingsvergunning te herstellen. In de tweede tussenuitspraak van 3 maart 2026 heeft de rechtbank de termijn die zij het college heeft gegeven om de gebreken te herstellen verlengd tot 13 maart 2026.
1.4.
Het college heeft in reactie op de tussenuitspraak op 12 maart 2026, nadat de gemeenteraad op 5 maart 2026 opnieuw een verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven, een herstelbesluit genomen (het herstelbesluit). Met dit herstelbesluit heeft het college de motivering van de omgevingsvergunning aangevuld en hierin drie aanvullende voorschriften opgenomen.
1.5.
Eiseres heeft schriftelijk haar zienswijze op het herstelbesluit gegeven.
1.6.
Het beroep van eiseres heeft van rechtswege mede betrekking op het herstelbesluit, nu zij daarbij gelet op haar zienswijze voldoende belang heeft. [1]
1.7.
De rechtbank heeft bepaald dat een nadere zitting achterwege blijft en heeft het onderzoek op 12 mei 2026 gesloten.

Overwegingen

De tussenuitspraak
2. Deze uitspraak bouwt voort op de tussenuitspraak. Daarin heeft de rechtbank geoordeeld dat het college, anders dan eiseres heeft gesteld, met het verlenen van de omgevingsvergunning geen onbevoegd besluit heeft genomen. Wel kleefde aan de omgevingsvergunning een gebrek, omdat het college in het verweerschrift en op de zitting heeft toegelicht dat het aantal wooneenheden dat in de omgevingsvergunning stond vermeld onjuist was. In de omgevingsvergunning zijn 36 wooneenheden vergund, terwijl er 35 wooneenheden en één nachtverblijfverblijf voor de medewerkers van het Leger des Heils is aangevraagd. Het college heeft verklaard dat hij dat gebrek in een aanvullend besluit wil corrigeren. Ook kleefde aan de omgevingsvergunning naar het oordeel van de rechtbank een motiveringsgebrek. Door het college was in de belangenafweging voor het verlenen van de omgevingsvergunning niet concreet gemaakt welke belangen van de kant van eiseres in aanmerking zijn genomen, welke gevolgen er naar verwachting zullen zijn voor het leefklimaat, de gezondheid en de veiligheid van de studenten en leerlingen van eiseres en hoe hij deze gevolgen heeft gewogen. Verder was door het college in de omgevingsvergunning niet inzichtelijk gemaakt of het in het kader van het borgen van een goede ruimtelijke ordening nodig is om aan de omgevingsvergunning een voorschrift te verbinden om overlast voor de omgeving zo veel als mogelijk te beperken.
3. De rechtbank blijft bij al wat zij in de tussenuitspraak heeft overwogen en beslist, tenzij hierna uitdrukkelijk anders wordt overwogen. Het staat de rechtbank niet vrij om terug te komen van zonder voorbehoud gegeven oordelen in de tussenuitspraak. Dit is alleen anders in zeer uitzonderlijke gevallen.
Het herstelbesluit
Aantal wooneenheden
4. Met het herstelbesluit heeft het college het aantal van 36 wooneenheden waarvoor de omgevingsvergunning was verleend, conform de onderliggende aanvraag, gewijzigd naar 35 wooneenheden en één nachtverblijf voor de medewerkers van het Leger des Heils.
Extra voorschriften
5. Verder heeft het college met het herstelbesluit drie extra voorschriften aan de omgevingsvergunning verbonden. Het gebruik van Domus Almere moet op grond van deze voorschriften plaatsvinden overeenkomstig het door het college goedgekeurde Sociaal beheerplan V2.1, van 14 januari 2026 en vastgesteld op 10 maart 2026 (het Sociaal beheerplan), dat integraal onderdeel uitmaakt van de omgevingsvergunning. Wijzigingen in het Sociaal beheerplan moeten ter goedkeuring worden voorgelegd aan het college en na het verkrijgen van goedkeuring wordt de gewijzigde versie aan de omgevingsvergunning toegevoegd. De vergunninghouder c.q. de exploitant van Domus Almere moet haar cliënten actief wijzen op de huisregels die onderdeel uitmaken van het Sociaal beheerplan. De vergunninghouder c.q. exploitant moet hierop handhaven en cliënten aanspreken en/of sanctioneren als de regels niet worden nageleefd.
Belangen van eiseres
6. Ook heeft het college de belangenafweging voor het verlenen van de omgevingsvergunning met het herstelbesluit nader gemotiveerd. Hiervoor heeft hij drie verschillende soorten belangen onderscheiden, in kaart gebracht en vervolgens afgewogen. Waaronder de belangen van de kant van eiseres, te weten een sociaal veilige leefomgeving voor de studenten en leerlingen van eiseres.
7. Het college hanteert in het herstelbesluit als uitgangspunt dat het gedrag van de bewoners van Domus Almere van invloed kan zijn op de leefbaarheid en veiligheid in de omgeving; en dus op de belangen van eiseres. Daarbij heeft het college de belangen en zorgen van eiseres als volgt in kaart gebracht.
8. De onderwijsinstelling van eiseres heeft circa 1.200 leerlingen in de leeftijd van 12 tot en met 16 jaar. Voor de leerlingen gaat het om een leefbare, veilige en gezonde schoolomgeving, maar ook om de route naar school. Daarbij geldt dat eiseres mogelijk haar onderwijslocatie zal uitbreiden naar de Mangaanstraat voor naar verwachting MBO-leerlingen. Domus Almere zal een woonlocatie zijn voor mensen met psychische en/of verslavingsproblematiek. De bewoners van Domus Almere kunnen daarmee ander gedrag laten zien, dan gebruikelijk is in een woonwijk. Dit gedrag kan zich uiten in luidruchtig of verward zijn, onder invloed zijn, of het plegen van vermogens- of geweldsdelicten. Ook kunnen de bewoners van Domus Almere ervoor zorgen dat drugsdealers zich in de nabijheid van Domus Almere ophouden. Het handelen in drugs zou dan in het zicht van de kinderen kunnen plaatsvinden. Ook kunnen er objecten waarmee de drugs zijn toegediend in de openbare ruimte aangetroffen worden. Doordat de dealers in de schoolomgeving een mogelijk afzetgebied kunnen zien, bestaat de mogelijkheid dat geprobeerd wordt verdovende middelen te verhandelen aan de minderjarigen, met alle gevolgen van dien. Ouders van toekomstige leerlingen kunnen om deze reden een andere schoolkeuze maken.
Mitigerende maatregelen
9. Het college acht de overlast die door de bewoners van Domus Almere kan ontstaan echter niet onaanvaardbaar, omdat deze beheersbaar is. Het college treft verschillende mitigerende maatregelen om het leefklimaat, de sociale veiligheid en de gezondheid van de studenten en leerlingen van eiseres te waarborgen. Daarbij wijst het college op de volgende drie maatregelen. Als eerste worden met de komst van Domus Almere maximaal 35 bewoners met psychische- en/of verslavingsproblematiek geplaatst. De andere groepen die nu in het centrum verblijven, zoals de dak- en thuislozen uit de dag- en nachtopvang, komen niet naar deze locatie. Volgens het college krijgen de bewoners van Domus Almere hiermee een eigen plek, waardoor cumulatie van hinder wordt voorkomen en groepen gericht hun eigen aandacht kunnen krijgen. Dit laatste zorgt ervoor dat zij als groep minder geneigd zijn om ongewenst gedrag te vertonen. Als tweede maatregel wijst het college op de manier waarop Domus Almere wordt ingepast in de wijk. Het gebouw komt niet direct tussen de bebouwing te liggen, maar wordt enigszins geïsoleerd. De locatie ligt in een groene setting en biedt mogelijkheden voor een ‘standalone’ gebouw. Met buitenruimten waar bewoners kunnen verblijven. De buitenruimte wordt omgeven door een watergang, waardoor het alleen mogelijk is om het terrein te verlaten via de toegangspoort aan de voorzijde van het perceel. Dit betekent dat altijd bekend is wie binnen het terrein aanwezig is en wie het terrein gaat verlaten. Dit maakt monitoring goed mogelijk. Dichtbij het perceel is een bushalte. Daardoor kunnen de bewoners gemakkelijk met de bus naar verder weg gelegen plekken reizen. Dat maakt dat zij niet langs kwetsbare voorzieningen hoeven gaan als zij reizen. En als derde maatregel wordt een Sociaal beheerplan verplicht gesteld. Door het Sociaal beheerplan met voorschriften aan de vergunning te koppelen, worden de mogelijk nadelige gevolgen voor eiseres beperkt. In het Sociaal beheerplan zijn huisregels opgenomen waaraan de bewoners van Domus Almere zich moeten houden. Als een bewoner dat niet doet, kan dat leiden tot verlies van zijn woonplek. Buiten de locatie van Domus Almere zullen zogeheten Outreachmedewerkers van het Leger des Heils (de exploitant) zowel proactief als reactief na meldingen, nagaan of de huisregels worden nageleefd. Verder is gebruik van verdovende middelen verboden op grond van de Algemene plaatselijke verordening (APV). Daarnaast is in het Sociaal beheerplan opgenomen dat binnen een straal van 250 meter van Domus Almere gebruik van verdovende middelen verboden is. Bewoners mogen alleen op hun kamer gebruiken. Zo nodig kunnen medewerkers van het Leger des Heils de bewoners daarop aanspreken. Verder is er de mogelijkheid om op elk moment van de dag een melding te doen bij het Leger des Heils.
Belangenafweging
10. Het college concludeert dat met deze maatregelen de nadelige gevolgen voor de onderwijsinstelling worden beperkt en de sociale veiligheid en gezondheid (van studenten en leerlingen) wordt gewaarborgd. Er zal geen sprake zijn van een ruimtelijk onaanvaardbare situatie. Hij heeft de belangen van eiseres afgewogen tegen het belang van de aanvrager en het belang van de gemeente Almere. Het belang van de gemeente Almere is onder andere gelegen in het algemeen maatschappelijk belang ten behoeve van de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Wet langdurige zorg, waarbinnen beschermd wonen een gemeentelijke taak is. Het belang van de gemeente is ook gelegen in de ruimtelijke opgaven in het centrum van de stad waar Domus Almere nu nog samen met de dag- en nachtopvang voor dak- en thuislozen is gehuisvest. Deze huidige situatie zorgt voor overlast. Het college vindt dat hij de omgevingsvergunning na afweging van de relevante belangen in redelijkheid kan verlenen.
11. Op 5 maart 2025 heeft de gemeenteraad besloten dat er geen bedenkingen zijn tegen het herstelbesluit en de daarin opgenomen afweging van betrokken belangen alsmede de daaraan verbonden voorschriften.
Beoordeling door de rechtbank
12. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college de in de tussenuitspraak geconstateerde gebreken in de omgevingsvergunning met het herstelbesluit hersteld. Het aantal wooneenheden is met het herstelbesluit conform de aanvraag aangepast. Dat is niet langer in geschil. Verder heeft het college in het herstelbesluit de bij de omgevingsvergunning betrokken belangen uitgebreid in kaart gebracht en inzichtelijk afgewogen. De rechtbank vindt het niet onredelijk dat het college de algemene belangen die de gemeente moet behartigen en de belangen van vergunninghouder bij de omgevingsvergunning in deze situatie zwaarder heeft laten wegen dan de belangen van eiseres. De rechtbank begrijpt heel goed dat eiseres zorgen heeft over de komst van de groep bewoners in Domus Almere, maar vindt dat het college in de aanvullende motivering goed heeft uitgelegd waarom – gelet op de verschillende maatregelen die zullen worden getroffen – er geen sprake zal zijn van een ruimtelijk onaanvaardbare situatie op grond waarvan de vergunning geweigerd had moeten worden.
13. Daarbij neemt de rechtbank mede in aanmerking dat met de extra voorschriften in de omgevingsvergunning over het Sociaal beheerplan de sociale veiligheid zoveel mogelijk wordt geborgd. Outreachmedewerkers van het Leger des Heils zullen de aandachtsgebieden en looproutes van de bewoners vanuit Domus Almere op straat monitoren. Verder is in het Sociaal beheerplan een stappenplan opgenomen voor het optreden bij klachten over overlast. In het plan staan contactpersonen met telefoonnummers vermeld en een telefoonnummer dat 24/7 bereikbaar is. Doordat het Sociaal beheerplan met goedkeuring van het college kan worden aangepast, is er voldoende ruimte om nieuwe ontwikkelingen die nu niet zijn voorzien te verwerken in het Sociaal beheerplan. De rechtbank acht de extra vergunningvoorschriften voldoende concreet en handhaafbaar om op het gebied van sociale veiligheid te komen tot een beheersbare situatie. Door aan de omgevingsvergunning voorschriften te verbinden die het hanteren van het Sociaal beheerplan verplicht stelt, is dit bestuursrechtelijk handhaafbaar. Hiermee kan indien nodig handhavend worden opgetreden of als deze voorschriften niet worden nageleefd, de omgevingsvergunning worden ingetrokken.
14. De zienswijze van eiseres brengt de rechtbank niet tot een ander oordeel.
15. Eiseres voert in haar zienswijze aan dat de procedure die het college heeft gevolgd om te komen tot het herstelbesluit op zijn minst onzorgvuldig te noemen is en deze zelfs lijkt te getuigen van vooringenomenheid van het college.
16. De voorbereidingsprocedure om naar aanleiding van de tussenuitspraak te komen tot het herstelbesluit is vormvrij. Naar het oordeel van de rechtbank was het college noch op grond van de tussenuitspraak, noch op grond van de wet, verplicht om consultatierondes met eiseres te houden. Zoals het college uiteenzet, waren op basis van alle stukken, het horen van eiseres in de fase vóór het herstelbesluit, maar ook tijdens de inhoudelijke behandeling van de zaak op de zitting, de belangen van eiseres voldoende duidelijk. Uit de inhoudelijke reactie in haar zienswijze op het herstelbesluit blijkt ook niet dat het college bij het in kaart brengen van de belangen van eiseres bepaalde belangen heeft gemist.
17. Verder voert eiseres in haar zienswijze aan dat omdat het perceel naast de locatie van eiseres is gelegen, dit geen geschikte locatie is voor het realiseren van Domus Almere.
18. Het door de rechtbank in de tussenuitspraak geconstateerde motiveringsgebrek zag niet op de locatiekeuze. Eiseres heeft deze grond niet eerder aangevoerd en kan deze grond niet nu alsnog naar voren brengen. Dat is in strijd met de goede procesorde. De rechtbank verwijst hiervoor naar rechtsoverweging 16 van de tussenuitspraak. Niet gebleken is dat sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor van dit uitgangspunt moet worden afgeweken.
Conclusie
19. Gelet op de in de tussenuitspraak geconstateerde gebreken, is het beroep gegrond. Maar omdat het college met het herstelbesluit de gebreken in de omgevingsvergunning heeft hersteld, laat de rechtbank de omgevingsvergunning in stand. Dit betekent voor partijen dat vergunninghouder Domus Almere conform de aan haar verleende omgevingsvergunning op deze locatie mag realiseren.
Griffierecht en proceskosten
20. Omdat de rechtbank het beroep gegrond verklaart, moet het college aan eiseres het door haar betaalde griffierecht vergoeden.
21. Ook krijgt eiseres een vergoeding voor de proceskosten die zij heeft gemaakt. Het college moet die vergoeding betalen. De vergoeding wordt met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. De bijstand door een gemachtigde levert 2,5 punten op (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 0,5 punt voor het indienen van een schriftelijke zienswijze na een bestuurlijke lus en 1 punt voor het verschijnen op de zitting) met een waarde per punt van € 934,-, bij een wegingsfactor 1. Toegekend wordt € 2.335,-.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- bepaalt dat de met het herstelbesluit gewijzigde omgevingsvergunning in stand blijft;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 371,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 2.335,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.R. van Es-de Vries, voorzitter, en mr. J.A. Spee en
mr. T.J.H. Verstappen, leden, in aanwezigheid van mr. I.C. de Zeeuw-'t Lam, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 19 juni 2026.
griffier
voorzitter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak en de tussenuitspraken, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak en de tussenuitspraak/tussenuitspraken. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Artikel 6:19, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).