Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. L.H.J. Verheijden;
- de advocaat van de verdachte: mr. H. Drenth (hierna: de advocaat).
2.Tenlastelegging
3.Bewijs
enanderen te duchten was,
gemeenteUtrecht, opzettelijk behulpzaam is geweest heeft verschaft door die [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] met een auto naar en vanaf de plaats van het misdrijf te vervoeren.
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf
- een jeugddetentie van 196 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 150 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar; en
- een taakstraf, bestaande uit een werkstraf van 100 uur, te vervangen door 50 dagen vervangende jeugddetentie als de verdachte deze taakstraf niet of niet goed uitvoert.
- een jeugddetentie van 196 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 150 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar; en
- een taakstraf, bestaande uit een werkstraf van 150 uur, te vervangen door 75 dagen vervangende jeugddetentie als de verdachte deze taakstraf niet of niet goed uitvoert.
6.Toegepaste wetsartikelen
7.De beslissing
- verklaart bewezen dat de verdachte de feiten 1 subsidiair en 2 subsidiair heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.5 is omschreven;
- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;
- veroordeelt de verdachte tot
- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht (46 dagen), bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat van de jeugddetentie een gedeelte van
- stelt daarbij een proeftijd van twee jaren vast;
- als voorwaarde geldt dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van 150 uren;
hij, op of omstreeks 31 januari 2025, te [woonplaats] , gemeente Wijdemeren, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door een of meer stuk(s) (zwaar) vuurwerk en/of een brandbare vloeistof, althans een of meer explosieven en/of een brandbare vloeistof tot ontploffing te brengen nabij de woning aan de [adres] te [woonplaats] , terwijl daarvan gemeen gevaar voor de voornoemde woning en de in die woning aanwezige goederen en/of de naastgelegen woningen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen te duchten was;
-die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] met een auto naar en/of vanaf de plaats van het misdrijf te vervoeren;
hij, op of omstreeks 31 januari 2025, te [woonplaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door een of meer stuk(s) (zwaar) vuurwerk en/of een brandbare vloeistof, althans een of meer explosieven en/of een brandbare vloeistof, tot ontploffing te brengen nabij de woning aan de [adres] te [woonplaats] , terwijl daarvan gemeen gevaar voor de voornoemde woning ( [adres] ) en de in die woning aanwezige goederen en/of de naastgelegen woningen en/of nabij geparkeerde voertuigen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen te duchten was en/of levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor de bewoner(s) van die woning, in elk geval levensgevaar en/of zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen te duchten was;
-die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] met een auto naar en/of vanaf de plaats van het misdrijf te vervoeren.
Het proces-verbaal van forensisch onderzoek aan de woning [adres] in [woonplaats] , opgemaakt op 10 februari 2025, voor zover inhoudende – zakelijk weergegeven:
Het proces-verbaal van aangifte door [aangever] , opgemaakt op 31 januari 2025, voor zover inhoudende – zakelijk weergegeven:
Het proces-verbaal van forensisch onderzoek plaats delict aan de woning [adres] in [woonplaats] , opgemaakt op 31 januari 2025, voor zover inhoudende – zakelijk weergegeven:
De verklaring van de verdachte, afgelegd op de zitting van 8 mei 2026, voor zover inhoudende:
Het proces-verbaal van verhoor van de medeverdachte [medeverdachte 1] van 25 februari 2025, voor zover inhoudende: