ECLI:NL:RBMNE:2026:3003
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens ontbreken procesbelang bij handhavingsverzoek
Op 15 oktober 2025 zijn verkeersmaatregelen getroffen bij Winkelcentrum Overvecht in Utrecht. Verzoeker diende op 10 december 2025 een handhavingsverzoek in bij het college van burgemeester en wethouders van Utrecht. Na het uitblijven van een beslissing, diende verzoeker op 31 maart 2026 een beroep wegens niet tijdig beslissen in, samen met een verzoek om voorlopige voorziening.
De rechtbank heeft geoordeeld dat de brief van 8 april 2026 van het college geen besluit vormt op het handhavingsverzoek. De voorzieningenrechter beoordeelt vervolgens dat verzoeker geen procesbelang meer heeft bij het verzoek om voorlopige voorziening, omdat de rechtbank het college reeds heeft opgedragen binnen twee weken te beslissen op het handhavingsverzoek.
Daarnaast merkt de voorzieningenrechter op dat het college geen verkeersbesluiten heeft genomen voorafgaand aan de verkeersmaatregelen, waardoor de bestuursrechter niet bevoegd is om inhoudelijk te oordelen over deze maatregelen. Verzoeker kan zich hiervoor tot de civiele rechter wenden.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en bepaalt dat het college het betaalde griffierecht van € 200,- aan verzoeker moet vergoeden.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van procesbelang.