Uitspraak
gevestigd te [plaats 1] ,
1.De procedure
- de dagvaarding tevens incidentele vorderingen ex artikel 223 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv);
- de conclusie van antwoord;
- de akte uitlating en producties van [eiseres] ;
- het verzoek om uitstel van de mondelinge behandeling door [gedaagde] , gedaan op 8 april 2026 (laat in de middag), dat door de kantonrechter niet is gehonoreerd.
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
4.De beslissing
binnen 72 uurna betekening van dit vonnis
op straffe van een dwangsom van € 100,00 per dag dat [gedaagde] met de afgifte in gebreke blijft, met een maximum van € 10.000,00;
- € 36.405,45 aan (resterende) leasetermijnen, met dien verstande dat indien de auto wordt ingeleverd en vervolgens verkocht door [eiseres] , de verkoopopbrengst in mindering wordt gebracht op dit bedrag;
- de contractuele rente van 1,5% per maand over € 3.545,05 vanaf de vervaldata van de van de onderliggende facturen tot aan de betaling;
- de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 32.860,40 vanaf 27 oktober 2025 tot aan de betaling;
- € 1.139,05 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf 19 december 2025 tot aan de betaling;