Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
1.De stukken
2.De procesgang
3.Het standpunt van de reclassering
4.Het standpunt van de deskundige die niet aan de reclassering verbonden is
5.Het standpunt van de officier van justitie
6.Het standpunt van de verdediging
7.Beoordeling
in algemene zineen gewelddadig of agressieve man zou zijn.
de mogelijkheiddat gedurende de tbs-maatregel geen volledig inzicht in de belevingswereld van de betrokkene is verkregen, niet zo’n objectieve omstandigheid. Het
mogelijk– de reclassering rapporteert dat inzicht wel te hebben verkregen – ontbreken van dat inzicht vormde voor de in de afgelopen jaren aangezochte deskundigen geen belemmering om steeds opnieuw een (positief) advies over de kans op herhaling te geven. Evenmin bestaat er concrete aanleiding voor het oordeel dat de betrokkene, na het eindigen van de tbs-maatregel, zijn leven wezenlijk anders in zal richten. Dat hij mogelijk nieuwe relaties aangaat, van baan wisselt en op vakantie zal gaan omdat hij dat weer mag, gaf voor de deskundigen geen aanleiding negatiever of met meer voorzichtigheid te adviseren over het recidiverisico. Het dwingt ook de rechtbank niet tot de conclusie dat de betrokkene, in geval van die gewijzigde omstandigheden, weer een gevaar voor anderen zal vormen.