ECLI:NL:RBMNE:2026:2751
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke opheffing testamentair bewind wegens onvoldoende zelfstandigheid erfgenaam
De heer verzoeker heeft verzocht het testamentaire bewind over de nalatenschappen van zijn ouders op te heffen en de bewindvoerder te ontslaan. Hij stelt dat hij voldoende bekwaam is om zijn erfenis zelfstandig te beheren, onderbouwd met zijn intellectuele capaciteiten en financiële zelfstandigheid.
De bewindvoerder verzet zich tegen het verzoek en wijst op de langdurige afhankelijkheid van maandelijkse uitkeringen en het feit dat het vermogen van verzoeker grotendeels uit eerdere schenkingen van zijn ouders bestaat. De rechtbank concludeert dat verzoeker onvoldoende zelfstandig is om de gehele erfenis te beheren.
Desondanks krijgt verzoeker de kans om aan te tonen dat hij dit in de toekomst wel kan. Daarom wordt het bewind gedeeltelijk opgeheven voor een bedrag van €100.000,00, waarmee hij grotere uitgaven kan doen zonder toestemming van de bewindvoerder. De overige verzoeken worden afgewezen. De beschikking is op 22 april 2026 uitgesproken.
Uitkomst: Het testamentaire bewind wordt gedeeltelijk opgeheven voor €100.000,00 om de erfgenaam meer autonomie te geven, terwijl het overige bewind in stand blijft.