Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:2345

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
13 april 2026
Publicatiedatum
12 mei 2026
Zaaknummer
C/16/609732 / FV RK 26-905
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel wegens bipolaire stoornis en risico op ernstig nadeel

Betrokkene verblijft op grond van een crisismaatregel bij een zorginstelling in verband met een bipolaire stoornis die een manie veroorzaakt. De burgemeester van Utrecht heeft de crisismaatregel op 8 april 2026 afgegeven. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om verlenging van deze maatregel voor drie weken.

De rechtbank beoordeelt dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder ernstige psychische schade, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de veiligheid van personen en goederen. De medische verklaring van 8 april 2026 bevestigt de psychische stoornis en de ernst van de crisissituatie, waardoor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

De rechtbank wijst de machtiging toe voor de duur van één week, waarbij diverse vormen van verplichte zorg worden toegestaan, zoals medicatie, medische controles, bewegingsbeperking en toezicht. Hoewel betrokkene zich verzet tegen de zorg, is er geen minder bezwarend alternatief en is vrijwilligheid onvoldoende aanwezig vanwege het risico op onttrekking aan de opname.

De machtiging is evenredig en gericht op het bevorderen van deelname aan het maatschappelijk leven en de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. De verlenging is beperkt tot één week omdat de arts heeft aangegeven dat een langere duur niet noodzakelijk is. De beschikking is op 13 april 2026 mondeling gegeven en op 17 april 2026 schriftelijk vastgelegd.

Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor één week wegens ernstig psychisch nadeel en risico bij medicatieafbouw.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/609732 / FV RK 26-905
Datum uitspraak: 13 april 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1992 in [geboorteplaats] ,
hierna: betrokkene,
wonende in [plaats] ,
verblijvende bij [verblijfplaats] , locatie [locatie] in [plaats] ,
advocaat: mr. C. Simmelink.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank heeft het verzoekschrift met bijlagen op 8 april 2026 ontvangen.
1.2.
De zitting heeft plaatsgevonden op 13 april 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • [A] , arts.

2.Wat vaststaat

Betrokkene verblijft met een crisismaatregel bij [verblijfplaats] , locatie [locatie] in [plaats] . De burgemeester van Utrecht heeft de crisismaatregel op 8 april 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De beoordeling

4.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van één week. Er is voldaan aan de voorwaarden uit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hierna wordt uitgelegd waarom dat zo is.
4.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
4.3.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Betrokkene heeft een manie, passend bij een bipolaire stoornis. De rechtbank baseert zich hierbij op de medische verklaring van 8 april 2026.
4.4.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
4.5.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie.
4.6.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg en er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De advocaat heeft bepleit dat betrokkene bereid is om vrijwillig aan de behandeling mee te werken. De arts heeft toegelicht dat er momenteel sprake is van een goede samenwerking met betrokkene en dat de huidige medicatie in een vlot tempo wordt afgebouwd. Dit brengt risico’s met zich mee. Daarom moet dit onder toezicht gebeuren. Om die reden pleit de arts ervoor om de crisismaatregel, en daarmee de opname, met maximaal één week te verlengen. Betrokkene heeft bezwaren tegen de opname en zou het liefst – met name in de nachten – bij zijn partner verblijven die kampt met ernstige gezondheidsklachten. De rechtbank is van oordeel dat de wens van betrokkene om bij zijn partner te zijn invoelbaar is, maar hierdoor bestaat het risico dat betrokkene zich aan de opname zal onttrekken om thuis voor zijn partner te gaan zorgen. Daarom is er, ondanks dat betrokkene goed in samenwerking is met de behandelaren, naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende sprake van vrijwilligheid.
4.7.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
4.8.
De rechtbank zal de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verlenen voor de duur van één week, omdat de arts tijdens de mondelinge behandeling heeft toegelicht dat een machtiging voor een langere duur niet nodig is.

5.De beslissing

De rechtbank:
5.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1992 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 4.5. staan kunnen worden toegepast;
5.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 20 april 2026,
5.3.
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 april 2026 door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 17 april 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.