Eiser heeft op 14 november 2025 een verzoek om informatie ingediend bij het Ministerie van Defensie op grond van de Wet open overheid (Woo). Verweerder heeft niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van vier weken een besluit genomen. Eiser heeft verweerder op 20 januari 2026 in gebreke gesteld, waarna twee weken zijn verstreken zonder besluit.
De rechtbank oordeelt dat verweerder alsnog binnen twee weken na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Verweerder voerde beperkte capaciteit en een ander Woo-verzoek over een andere periode aan, maar dit leidt niet tot verlenging van de beslistermijn. De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op, met een maximum van €15.000, voor elke dag dat verweerder te laat is.
Het beroep wordt kennelijk gegrond verklaard, waardoor het niet tijdig nemen van een besluit wordt vernietigd. Verweerder wordt tevens opgedragen het betaalde griffierecht van €200 aan eiser te vergoeden. Er worden geen overige proceskosten toegekend.