ECLI:NL:RBMNE:2026:1805
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herbeoordeling recht op kinderopvangtoeslag 2016 wegens reeds ontvangen compensatie ex-partner
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor herbeoordeling van zijn recht op kinderopvangtoeslag (KOT) over 2016 op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). Dienst Toeslagen wees deze aanvraag af omdat eiser niet voldeed aan de voorwaarden en zijn ex-partner reeds compensatie had ontvangen voor dezelfde periode.
De rechtbank oordeelt dat Dienst Toeslagen terecht heeft vastgesteld dat eiser geen recht heeft op aanvullende compensatie, aangezien het forfaitaire bedrag van € 30.000,- eenmalig wordt toegekend en door de toeslagpartners onderling moet worden verdeeld. Eiser kon niet aantonen dat hij in 2016 inkomsten uit een onderneming had, wat een vereiste is voor KOT.
Hoewel de rechtbank een motiveringsgebrek constateert in het bestreden besluit vanwege het nieuwe standpunt van Dienst Toeslagen in beroep, wordt dit gebrek gepasseerd omdat eiser op de zitting heeft kunnen reageren. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, veroordeelt Dienst Toeslagen tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van eiser.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en hij krijgt geen aanvullende compensatie toegekend.