ECLI:NL:RBMNE:2026:1761
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op bezwaar compensatie kinderopvangtoeslag
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag en stelt dat verweerder niet tijdig op haar bezwaar heeft beslist. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiseres het beroep tijdig heeft ingesteld na ingebrekestelling.
De rechtbank sluit zich aan bij de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die een nadere beslistermijn van zestig weken na het verstrijken van de wettelijke beslistermijn realistisch acht. Voor deze zaak betekent dit dat verweerder uiterlijk op 27 augustus 2026 een besluit moet nemen.
De rechtbank legt een dwangsom op van € 100,- per dag dat verweerder te laat is, met een maximum van € 15.000,-. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht. Verweerder wordt opgedragen alsnog binnen de gestelde termijn een besluit te nemen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op uiterlijk 27 augustus 2026 een besluit op bezwaar bekend te maken, met oplegging van een dwangsom.