Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:1743

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
24 maart 2026
Publicatiedatum
22 april 2026
Zaaknummer
C/16/599975 / FO RK 25-1186
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:227 BWArt. 1:228 BWArt. 1:230 lid 2 BWArt. 1:5 lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing adoptieverzoek duo-moeder voor minderjarige dochter

Verzoekster, gehuwd met de moeder van de minderjarige, heeft een verzoek tot adoptie ingediend voor hun dochter die is geboren in 2026 na kunstmatige inseminatie met donor.

De rechtbank toetst het verzoek aan de wettelijke vereisten van de artikelen 1:227 en 1:228 BW en concludeert dat aan deze voorwaarden is voldaan. De adoptie is in het belang van het kind, dat gezamenlijk wordt verzorgd en opgevoed door verzoekster en de moeder. De donor vervult geen ouderrol en heeft schriftelijk ingestemd met de adoptie.

De Raad voor de Kinderbescherming heeft positief geadviseerd over het verzoek. De adoptie wordt uitgesproken met terugwerkende kracht tot de geboorte van het kind. Tevens wordt de door verzoekster en de moeder gekozen geslachtsnaam voor het kind vastgesteld.

De beschikking is op 24 maart 2026 in het openbaar uitgesproken door kinderrechter A.C. van den Boogaard. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen drie maanden na de uitspraak.

Uitkomst: Verzoek tot adoptie door duo-moeder wordt toegewezen met terugwerkende kracht tot de geboorte van de minderjarige.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familierecht
locatie Utrecht
zaaknummer: C/16/599975 / FO RK 25-1186
Adoptie duo-moeder
Beschikking van 24 maart 2026
in de zaak van:
[verzoekster],
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoekster,
advocaat mr. K.S.M. Smienk,
met als belanghebbende
[de moeder],
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: de moeder.

1.De procedure

De rechtbank heeft de volgende stukken ontvangen:
  • het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen op 19 september 2025;
  • het bericht van de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) van 2 oktober 2025;
  • het bericht van verzoekster van 30 januari 2026 met bijlage;
  • het rapport van de Raad van 13 februari 2026.

2.Waar de procedure over gaat

2.1
Verzoekster is met de moeder gehuwd op [trouwdatum] 2023 in [plaats] .
2.2
Tijdens dit huwelijk is de moeder bevallen van een dochter:
-
[minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2026 in [geboorteplaats 1] .
2.3
De zwangerschap van de moeder is tot stand gekomen door middel van kunstmatige inseminatie. De donor is:
[A], geboren op [geboortedatum 2] 1991 in [geboorteplaats 2] .
2.4
Verzoekster en de moeder hebben samen het ouderlijk gezag over [minderjarige] .
2.5
Verzoekster wil [minderjarige] adopteren. De moeder staat achter dit verzoek.

3.De beoordeling

Adoptie
3.1
De rechtbank zal het verzoek toewijzen en de adoptie van [minderjarige] door verzoekster uitspreken. Hierna legt de rechtbank uit waarom zij deze beslissing neemt.
3.2
Het verzoek tot adoptie moet worden getoetst aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de artikelen 1:227 en 1:228 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De rechtbank is van oordeel dat hieraan is voldaan.
3.3
Volgens de rechtbank is de adoptie in het belang van [minderjarige] , want zij wordt door verzoekster en de moeder samen verzorgd en opgevoed. Vaststaat dat de donor geen ouderrol zal vervullen voor [minderjarige] . Ook heeft verzoekster de vereiste verklaringen overgelegd, te weten:
  • de verklaring van 22 augustus 2025 van de donor, waaruit blijkt dat hij instemt met de adoptie;
  • de verklaring van 19 augustus 2025 van de moeder, waaruit blijkt dat zij instemt met de adoptie.
3.4
Daarnaast heeft de Raad geadviseerd om het verzoek tot adoptie toe te wijzen.
Ingangsdatum
3.5
De adoptie werkt terug tot het tijdstip van de geboorte van [minderjarige] , omdat de adoptie voor haar geboorte is verzocht. [1]
Geslachtsnaam
3.6
Verzoekster en de moeder hebben voor [minderjarige] de geslachtsnaam
[geslachtsnaam]gekozen. De rechtbank zal deze naamskeuze in de beslissing opnemen. [2]

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1
spreekt uit de adoptie van de minderjarige van het vrouwelijke geslacht:
[minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2026 in [woonplaats] ,
door:
[verzoekster], geboren op [geboortedatum 3] 1995 in [geboorteplaats 3] ;
4.2
bepaalt dat de adoptie terugwerkt tot het tijdstip van de geboorte van [minderjarige] ;
4.3
stelt vast dat verzoekster en de moeder hebben verklaard dat [minderjarige] de geslachtsnaam
[geslachtsnaam]zal dragen na de adoptie, zodat zij zal blijven heten:
[minderjarige];
4.4
draagt de griffier op om niet eerder dan drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking – en als daartegen geen hoger beroep is ingesteld – een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Zeist.
Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. A.C. van den Boogaard, (kinder)rechter, in samenwerking met mr. H.E. Broersma, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 24 maart 2026.
Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.

Voetnoten

1.Artikel 1:230 lid 2 BW Pro.
2.Artikel 1:5 lid 3 BW Pro.