Uitspraak
1.De procedure
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
- 3 augustus 2025 (10 uren);
- 8 augustus 2025 (7 uren);
- 9 augustus 2025 (10 uren);
- 10 augustus (10 uren);
- 24 augustus 2025 (9 uren).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Werknemer sloot op 5 juli 2025 een oproep-arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met Werkgever en werkte regelmatig in juli en augustus 2025. Na een discussie over onbetaald gebleven uren werd Werknemer niet meer opgeroepen.
Werknemer vorderde achterstallig salaris van €560 bruto over augustus 2025, wettelijke verhoging, rente, ontbinding van de arbeidsovereenkomst, loonstroken en een transitievergoeding. Werkgever verscheen niet in de procedure en leverde geen verweer.
De kantonrechter oordeelde dat de vordering tot betaling van het achterstallige loon, inclusief 50% wettelijke verhoging en wettelijke rente vanaf 8 december 2025, toewijsbaar is. De ontbinding van de arbeidsovereenkomst werd eveneens toegewezen met ingang van 6 mei 2026. De transitievergoeding werd afgewezen omdat geen ernstig verwijtbaar handelen van Werkgever was vastgesteld.
Daarnaast werd Werkgever veroordeeld om binnen vijf dagen na betekening loonstroken te verstrekken, met een dwangsom bij niet-naleving. De proceskosten van €814 werden aan Werkgever opgelegd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden en werkgever wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, wettelijke verhoging, rente, loonstroken en proceskosten.