Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2026:1664

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
8 april 2026
Publicatiedatum
19 april 2026
Zaaknummer
11888531 \ UC EXPL 25-7397 RvdH/1037 v2
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 150 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenvonnis over bewijslevering ontvangst laptop bij koopovereenkomst

Eiser heeft een laptop besteld bij A-Mac, die volgens eiser niet is geleverd. Eiser vordert nakoming van de koopovereenkomst of subsidiair ontbinding. A-Mac stelt dat de laptop wel is geleverd en baseert dit op een track en trace bericht en verklaringen van een derde die het pakket zou hebben ontvangen.

De track en trace gegevens zijn inconsistent en er is discussie over de juistheid van de handtekening voor ontvangst. Eiser betwist ontvangst en stelt dat hij geen briefje heeft ontvangen waarop stond waar het pakket was afgeleverd. A-Mac heeft een verklaring van een derde overgelegd die stelt het pakket te hebben ontvangen en aan eiser te hebben gegeven.

De kantonrechter oordeelt dat A-Mac het bewijs moet leveren dat de laptop daadwerkelijk door eiser is ontvangen. Indien A-Mac hierin slaagt, wordt de vordering van eiser afgewezen; bij falen wordt de vordering toegewezen. De procedure voor bewijslevering wordt vastgesteld, met mogelijkheid tot het horen van getuigen en overlegging van bewijsstukken.

De kantonrechter houdt verdere beslissing aan en stelt een vervolgdatum voor bewijslevering en eventuele getuigenverhoren vast. Partijen worden aangemoedigd om in overleg tot een oplossing te komen om verdere procedure te voorkomen.

Uitkomst: A-Mac moet bewijs leveren dat de laptop door eiser is ontvangen; verdere beslissing wordt aangehouden.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 11888531 \ UC EXPL 25-7397 RvdH/1037
Vonnis van 8 april 2026
in de zaak van
[eiser],
wonende in [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: Meij Juristen en Mediation,
tegen
A-MAC B.V.,
gevestigd in Utrecht,
gedaagde partij,
hierna te noemen: A-Mac,
gemachtigde: mr. S.J.H. Meijerink.

1.De procedure

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 19,
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 8,
- de conclusie van repliek met producties 1 tot en met 3,
- de conclusie van dupliek met productie 9,
- de akte uitlaten productie van [eiser] .
1.2
De kantonrechter heeft besloten dat de uitspraak vandaag is.

2.De kern van de zaak

2.1
[eiser] heeft een laptop besteld bij A-Mac. De laptop zou bij hem thuis worden bezorgd, maar dat is volgens [eiser] niet gebeurd. [eiser] vordert primair dat de kantonrechter voor recht verklaart dat A-Mac de koopovereenkomst nakomt, op straffe van een dwangsom en subsidiair dat de kantonrechter de koopovereenkomst ontbindt. A-Mac stelt dat de laptop wel door [eiser] is ontvangen. De kantonrechter stelt A-Mac in de gelegenheid om nader bewijs te leveren van haar stelling. Dit vonnis is daarom een tussenvonnis.

3.De beoordeling

A-Mac moet bewijzen dat de laptop door [eiser] is ontvangen
3.1
Volgens de koopovereenkomst tussen partijen was A-Mac verplicht een laptop te leveren aan [eiser] en [eiser] vraagt in deze procedure nakoming van die verplichting. Volgens A-Mac heeft zij de laptop al aan [eiser] geleverd.
3.2
Volgens het track en trace bericht is het pakket op 1 december 2024 om 18.41 uur bij [eiser] (op nummer 485) bezorgd. Er is ook een handtekening gezet voor ontvangst. Volgens [eiser] was hij op dat moment niet thuis en is de handtekening niet van hem. Ook volgens A-Mac klopt het track en trace bericht niet. Volgens A-Mac is de laptop op een ander adres bezorgd en heeft de bezorger een briefje in de brievenbus van [eiser] achtergelaten. [eiser] zegt dat hij geen briefje in de brievenbus heeft ontvangen waarop hij kon zien bij wie het pakket wel was bezorgd.
3.3
A-Mac stelt dat de laptop door [eiser] is ontvangen en dat dit volgt uit de volgende omstandigheden:
  • A-Mac heeft PostNL gevraagd om informatie over de bezorging. PostNL heeft in eerste instantie tegen A-Mac gezegd dat de bezorger het pakket heeft afgeleverd op nummer
  • Een paar dagen later heeft PostNL aan [eiser] laten weten dat het pakket niet op nummer [nummer 1] , maar op nummer
  • A-Mac vindt het van belang dat [eiser] daarvoor zélf heeft verklaard dat hij bij nummer [nummer 2] is langs geweest, terwijl dit huisnummer niet eerder is genoemd. Volgens A-Mac zou hieruit kunnen blijken dat [eiser] wel een briefje over het pakket in zijn brievenbus heeft ontvangen. [eiser] betwist dat; het was een typefout en hij bedoelde [nummer 1] . A-Mac trekt deze verklaring in twijfel, omdat het – kort gezegd – vanwege de indeling van het flatgebouw niet logisch is dat [eiser] bij nummer [nummer 1] heeft aangebeld.
  • A-Mac heeft mevrouw [A] bezocht en haar gevraagd om een verklaring. Zij heeft die op 16 oktober 2025 per e-mail naar A-Mac verstuurd. Mevrouw [A] heeft op verschillende momenten en tegenover verschillende personen een verklaring met dezelfde strekking afgelegd en dat maakt haar verklaring betrouwbaar.
3.4
[eiser] voert het volgende aan:
  • De verklaringen van PostNL over de bezorging zijn inconsistent: volgens het track en trace bericht is het pakket bij [eiser] bezorgd, daarna zegt PostNL dat het pakket op nummer [nummer 1] is bezorgd en vervolgens wijzigt zij dat naar nummer [nummer 2] .
  • Mevrouw [A] heeft tegenover [eiser] verklaard geen pakket voor hem te hebben ontvangen. De verklaring van mevrouw [A] tegenover A-Mac is onbetrouwbaar, want het pakket is op een ander tijdstip bezorgd dan dat zij verklaart. Mevrouw [A] heeft bovendien tegenover A-Mac verklaard dat zij geen aangetekende pakketten aanneemt en voor dit pakket moest worden getekend. Ook heeft mevrouw [A] gezegd dat [eiser] ‘wel vaker dit soort dingen doet’, maar PostNL verklaart dat soortgelijke meldingen van [eiser] niet bekend zijn. [eiser] twijfelt ook aan de betrouwbaarheid van mevrouw [A] omdat zij beweert een aangetekende brief van de gemachtigde van [eiser] niet te hebben ontvangen, terwijl de brief wel is afgehaald.
3.5
De kantonrechter zal A-Mac opdragen om te bewijzen dat de laptop door [eiser] is ontvangen. A-Mac heeft dit namelijk gesteld en volgens [eiser] is dit niet het geval. Volgens de wettelijke regels [1] is het dan aan A-Mac om dit te bewijzen. Als A-Mac er in slaagt om te bewijzen dat [eiser] de laptop heeft ontvangen, zal de kantonrechter de vordering van [eiser] afwijzen. Lukt het A-Mac niet om te bewijzen dat [eiser] de laptop heeft ontvangen, zal de vordering van [eiser] worden toegewezen.
De procedure voor het leveren van bewijs
3.6
Als A-Mac het bewijs (mede) wenst te leveren door schriftelijke stukken of andere gegevens, moet zij die afzonderlijk bij akte in het geding brengen. Als A-Mac het bewijs wil leveren door het doen horen van getuigen, moet zij dit in de akte vermelden en de verhinderdata opgeven van alle partijen en van de op te roepen getuigen. De kantonrechter bepaalt dan vervolgens een datum en tijdstip voor een getuigenverhoor.
3.7
De partijen moeten bij de getuigenverhoren in persoon aanwezig zijn. Als een partij zonder gegronde reden niet verschijnt, kan dit nadelige gevolgen voor die partij hebben.
3.8
De kantonrechter verwacht dat het verhoor per getuige 60 minuten zal duren. Als A-Mac verwacht dat het verhoor van een getuige langer zal duren, kan dat in de te nemen akte worden vermeld.
3.9
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden, dat betekent dat de kantonrechter het bewijs afwacht en nu nog geen beslissing neemt op de vordering van [eiser] . Het is nu eerst aan A-Mac om bewijs te leveren en daarna krijgt [eiser] de mogelijkheid om tegenbewijs te leveren. Dat betekent dat deze procedure nog een aantal maanden zal duren. De kantonrechter geeft [eiser] en A-Mac daarom in overweging dat het mogelijk blijft om met elkaar in gesprek te gaan over een andere oplossing zodat bewijslevering niet nodig is.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1
draagt A-Mac op te bewijzen dat de laptop (uit de bestelling met factuurnummer [nummer 3] ) door [eiser] is ontvangen,
4.2
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
woensdag 22 april 2026voor uitlating door A-Mac of zij bewijs wil leveren door het overleggen van bewijsstukken, door het horen van getuigen en/of door een ander bewijsmiddel,
4.3
bepaalt dat, als A-Mac geen bewijs door het horen van getuigen wil leveren maar wel
bewijsstukkenwil overleggen, zij die stukken dan direct in het geding moet brengen,
4.4
bepaalt dat, als A-Mac
getuigenwil laten horen, zij de getuigen en de verhinderdagen van de partijen en hun gemachtigden in de maanden
mei 2026tot en met
augustus 2026dan direct moet opgeven, waarna dag en uur van het getuigenverhoor zullen worden bepaald,
4.5
bepaalt dat het getuigenverhoor zal plaatsvinden op de zitting van mr. V.E.J.A. Boots, in het gerechtsgebouw te Utrecht, Vrouwe Justitiaplein 1,
4.6
bepaalt dat
alle partijenuiterlijk twee weken voor het eerste getuigenverhoor
alle beschikbare bewijsstukkenaan de kantonrechter en de wederpartij moeten toesturen,
4.7
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. V.E.J.A. Boots en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2026.

Voetnoten

1.Artikel 150 Rv Pro.