ECLI:NL:RBMNE:2026:1547

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
14 april 2026
Zaaknummer
UTR 25/4915
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Algemene wet bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechtbank verklaart zich onbevoegd inzake niet-uitbetaling proceskosten

Eiser heeft beroep ingesteld tegen de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht wegens het niet tijdig uitbetalen van aan hem toegekende proceskosten.

De rechtbank overweegt dat het uitbetalen van proceskosten een feitelijke handeling is en geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Hierdoor ontbreekt de bestuursrechtelijke bevoegdheid van de rechtbank om van het beroep kennis te nemen.

De rechtbank wijst erop dat eiser zich in dit geval tot de civiele rechter moet wenden om zijn vordering te effectueren. Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd om het beroep te behandelen en wijst het beroep af.

De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier S. Ayyildiz, waarbij de griffier verhinderd was de uitspraak te ondertekenen. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken.

Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en wijst het beroep af wegens ontbreken van bestuursrechtelijke bevoegdheid.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 25/4915

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 februari 2026 in de zaak tussen

[eiser] , te [plaats] , eiser,

en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht, verweerder

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld, omdat verweerder volgens hem de aan hem toegekende proceskosten niet op tijd aan hem heeft uitbetaald.

Overwegingen

1. Eiser vraagt de rechtbank om te bepalen dat verweerder de aan hem toegekende proceskosten uitbetaalt, omdat dat nog steeds niet is gebeurd. De rechtbank overweegt hierover dat zij deze bevoegdheid niet heeft. Het uitbetalen van de toegekende proceskosten is namelijk een feitelijke handeling en niet een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Als verweerder de proceskosten niet betaalt, zal eiser zich moeten wenden tot de civiele rechter.
2. De rechtbank is onbevoegd om van het beroep kennis te nemen.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen rechter, in aanwezigheid van S. Ayyildiz griffier
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 februari 2026.
de griffier is verhinderd deze uitspraak
te ondertekenen
de griffier de rechter
Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.