Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge conclusie van antwoord;
- de brief van 31 oktober 2025 waarin is meegedeeld dat op 10 februari 2026 een mondelinge behandeling is bepaald.
2.De kern van de zaak
€ 13.822,33 (= € 9.215,45 voor de niet geleverde goederen en een aanvullende schadevergoeding van € 4.606,88), met rente kosten, betaalt. [gedaagde] is het niet eens met de vorderingen van [eiseres] . De kantonrechter wijst grotendeels de vorderingen van [eiseres] toe. De kantonrechter oordeelt dat [gedaagde] het bedrag van € 12.032,33, met rente en kosten, aan [eiseres] moet betalen.
3.De beoordeling
Factuur betaald, niet geleverd’. [gedaagde] heeft dit betwist. Volgens [gedaagde] zijn de bestelde goederen wel geleverd. De goederen zijn aan de aannemer of medewerker van [eiseres] afgegeven. Dit verweer van [gedaagde] slaagt niet en wel om het volgende.
Factuur betaald, niet geleverd’ niet heeft ontvangen. Die niet geleverde goederen vertegenwoordigen een waarde van € 9.215,45. [gedaagde] heeft de hoogte van dit bedrag niet betwist. De kantonrechter wijst de vordering tot terugbetaling van de niet geleverde goederen toe tot het bedrag van € 8.375,45 en wel om het volgende.
4.De beslissing
€ 1.083,34 aan buitengerechtelijke incassokosten,