Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [A] , verpleegkundig specialist.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 20 februari 2026 een verzoek van de officier van justitie tot voortzetting van een crisismaatregel voor betrokkene, die verblijft bij GGZ Centraal. De burgemeester van Rotterdam had de crisismaatregel op 16 februari 2026 afgegeven.
Tijdens de zitting bleek dat de tweede pagina van het verzoekschrift ontbrak, waardoor de rechtbank niet kon vaststellen welke vormen van verplichte zorg werden verzocht. De officier van justitie werd voorafgaand aan de zitting op de hoogte gesteld en kreeg de kans om dit te herstellen, maar heeft niet gereageerd.
De rechtbank overwoog dat artikel 6:4 lid 2 Wvggz Pro weliswaar ambtshalve zorgvormen kan toewijzen, maar dit artikel is niet bedoeld om fouten van de officier van justitie te corrigeren. Ook de medische verklaring bood geen uitkomst omdat de officier van justitie een zelfstandige rol heeft in het verzoek. Daarom kon de rechtbank niet beslissen en wees het verzoek af.
Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens onvolledig verzoekschrift.