ECLI:NL:RBMNE:2026:1043
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen bestuursrechter wegens gebrek aan vooringenomenheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de bestuursrechter die de hoofdzaak behandelde, stellende dat er sprake was van onrechtmatigheden in het dossier en vermeende vooringenomenheid. De wrakingskamer onderzocht of de rechterlijke onpartijdigheid daadwerkelijk schade leed.
De wrakingskamer constateerde dat de aangevoerde wrakingsgronden niet betrekking hadden op het handelen van de rechter zelf, maar op het handelen van anderen, zoals de verweerder in de hoofdzaak. De rechter had geen procesbeslissingen genomen in het voortraject en was niet betrokken bij eerdere strafrechtelijke procedures waarnaar werd verwezen.
Daarom kon geen sprake zijn van persoonlijke vooringenomenheid van de rechter. De overige vorderingen van verzoeker vielen buiten de bevoegdheid van de wrakingskamer. Gezien het misbruik van het wrakingsmiddel legde de wrakingskamer een wrakingsverbod op, waarmee een volgend wrakingsverzoek in dezelfde procedure niet in behandeling wordt genomen.
De wrakingskamer besloot het wrakingsverzoek af te wijzen en bepaalde dat de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond voor de schorsing. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de bestuursrechter is afgewezen en een wrakingsverbod opgelegd om verdere vertraging te voorkomen.