Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 19 december 2025 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [plaats] , verzoeker
Stichting Dudok(vergunninghouder), gevestigd in Hilversum,
Rechtbank Midden-Nederland
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Midden-Nederland op 19 december 2025 uitspraak gedaan over een verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoeker, die tegenover het kantoorgebouw woont, is het niet eens met de omgevingsvergunning die op 6 oktober 2025 door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hilversum is verleend voor het optoppen en transformeren van het kantoorgebouw naar 65 appartementen en bedrijfsruimten. Verzoeker vreest onomkeerbare gevolgen voor zijn woon- en leefklimaat en heeft daarom verzocht om schorsing van de omgevingsvergunning totdat op zijn bezwaar is beslist.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek behandeld op 10 december 2025. Tijdens de zitting is besproken dat tot 1 april 2026 beperkte werkzaamheden zullen plaatsvinden, die niet onomkeerbaar zijn. De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen sprake is van onverwijlde spoed die het treffen van een voorlopige voorziening vereist, omdat de geplande werkzaamheden omkeerbaar zijn en de bezwaren van verzoeker voornamelijk betrekking hebben op delen van het bouwplan die nog niet worden uitgevoerd voor 1 april 2026.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af, omdat er geen evident onrechtmatige situatie is aangetoond en de werkzaamheden tot de beslissing op bezwaar niet stilgelegd hoeven te worden. De uitspraak benadrukt dat verzoeker in de toekomst een nieuw verzoek kan indienen als de omstandigheden veranderen, en dat de vergunninghouder de werkzaamheden op eigen risico uitvoert, aangezien de omgevingsvergunning nog niet onherroepelijk is.