Bo-Ex heeft werkzaamheden laten uitvoeren aan de riolering van een huurwoning, waarna een rioleringsbuis losraakte en de woning overstroomde met rioolwater. De woning werd onbewoonbaar verklaard en de huurder kon er niet terugkeren. Bo-Ex stelde dat de woning inmiddels weer bewoonbaar was, maar de huurder stelde dat zij geen geld had om een nieuwe vloer te leggen en meubels te plaatsen en vorderde schadevergoeding.
De vordering in conventie werd ingetrokken, maar de huurder handhaafde haar eis in reconventie tot schadevergoeding. De kantonrechter oordeelde dat Bo-Ex verantwoordelijk is voor de schade omdat de fouten bij de rioleringswerkzaamheden aan haar kunnen worden toegerekend. Er was een causaal verband tussen de werkzaamheden en de overstroming.
De schade aan inboedel en vloer werd voldoende onderbouwd, waarbij de kantonrechter uitging van de nieuwwaarde. De reeds uitgekeerde verzekeringsvergoeding werd in mindering gebracht. Bo-Ex werd veroordeeld tot betaling van €12.781,65 plus wettelijke rente vanaf de datum van de overstroming. Tevens werd Bo-Ex veroordeeld in de proceskosten en werd het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.