ECLI:NL:RBMNE:2025:6902
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid van de bestuursrechter in een zaak tegen een dwangbevel
Op 23 december 2025 heeft de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in de zaak tussen eiseres, een inwoner van [plaats], en het Centraal Justitieel Incassobureau. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een dwangbevel dat op 31 januari 2025 door het Centraal Justitieel Incassobureau is uitgevaardigd. De rechtbank heeft vastgesteld dat zij kennelijk onbevoegd is om van het beroep kennis te nemen, zoals bepaald in artikel 8:4, eerste lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank heeft eiseres verzocht om het besluit waartegen het beroep is gericht over te leggen, waarop eiseres het dwangbevel heeft ingediend. De rechtbank heeft geconcludeerd dat de bestuursrechter niet bevoegd is om kennis te nemen van het beroep, omdat het dwangbevel als een civiel vonnis geldt en verzet daartegen bij de kantonrechter moet worden ingediend. De rechtbank heeft daarom op grond van artikel 8:54 Awb uitspraak gedaan zonder zitting en heeft afgezien van het heffen van griffierecht. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier, en is openbaar uitgesproken op dezelfde datum.