ECLI:NL:RBMNE:2025:6822
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herbeoordeling kinderopvangtoeslag wegens te late aanvraag
Eiseres heeft zich op 1 mei 2024 aangemeld voor herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag, terwijl de uiterste datum voor aanvragen om compensatie op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht) 31 december 2023 was. Dienst Toeslagen wees de aanvraag af en handhaafde dit besluit na bezwaar. Eiseres stelde dat zij zich al op 10 augustus 2023 had gemeld, maar kon dit niet aantonen met objectief bewijs. De rechtbank oordeelde dat Dienst Toeslagen terecht mocht aannemen dat eiseres zich pas op 1 mei 2024 had gemeld, waardoor de aanvraag te laat was.
De rechtbank overwoog dat het feit dat de zoon van eiseres een tegemoetkoming ontving op grond van de Kindregeling niet impliceert dat eiseres als gedupeerde bekend was bij Dienst Toeslagen. Hierdoor moest eiseres zichzelf aanmelden. De brief van augustus 2023 die eiseres overlegde, werd niet ontvangen door Dienst Toeslagen en er was geen bewijs van verzending. De enkele verklaring van eiseres en haar vader was onvoldoende.
Gelet op deze feiten verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en hoefde Dienst Toeslagen de aanvraag niet in behandeling te nemen. Eiseres kreeg het griffierecht niet terug. De uitspraak werd mondeling gedaan op 24 november 2025 en partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van de aanvraag herbeoordeling kinderopvangtoeslag.