ECLI:NL:RBMNE:2025:6704
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen de hoogte van de WOZ-waarde van een vrijstaande woning in Utrecht
In deze uitspraak beoordeelt de Rechtbank Midden-Nederland het beroep van eiser tegen de hoogte van de WOZ-waarde van zijn vrijstaande woning in Utrecht. De heffingsambtenaar had de WOZ-waarde vastgesteld op € 3.898.000,- per 1 januari 2023, maar na bezwaar werd deze verlaagd naar € 2.879.000,-. Eiser is het niet eens met deze waarde en stelt dat deze te hoog is. De rechtbank heeft vastgesteld dat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld, onderbouwd met een taxatierapport waarin de woning is vergeleken met referentiewoningen in dezelfde straat. De rechtbank concludeert dat de heffingsambtenaar voldoende rekening heeft gehouden met de onderhoudstoestand en de voorzieningen van de woning, en dat de referentiewoningen goed bruikbaar zijn voor vergelijking. Eiser krijgt geen gelijk en het beroep wordt ongegrond verklaard.