ECLI:NL:RBMNE:2025:6680
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking omgevingsvergunningen wegens ontbreken onverwijlde spoed
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders om vier omgevingsvergunningen in te trekken per 1 december 2025. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening om de intrekking te schorsen. De vergunningen zijn verleend voor bouwactiviteiten aan panden die momenteel gekraakt worden, waardoor starten met werkzaamheden nu niet mogelijk is.
De voorzieningenrechter overweegt dat de sloop- en voorbereidende werkzaamheden pas na het vertrek van de krakers kunnen beginnen en de daadwerkelijke bouwactiviteiten pas na de bouwvakantie van 2026. Omdat de rechtbank in de bodemprocedure al eerder uitspraak zal doen, is er geen sprake van onverwijlde spoed die een voorlopige voorziening rechtvaardigt.
Daarnaast is de intrekking van de vergunningen niet onomkeerbaar; indien het beroep gegrond wordt verklaard, kan de intrekking worden herroepen en kunnen de vergunningen alsnog worden gebruikt. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening daarom af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de omgevingsvergunningen wordt afgewezen wegens het ontbreken van onverwijlde spoed.