Uitspraak
1.De procedure
mr. Boeder. [gedaagde partij] is ook aanwezig. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat op de zitting is besproken.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze kort geding procedure vordert de verhuurder ontruiming van een bedrijfsruimte vanwege herhaalde huurachterstanden door de huurder. De huurder is reeds eerder veroordeeld tot betaling van een huurachterstand en heeft opnieuw een aanzienlijke achterstand opgebouwd, die ruim vier maanden huur bedraagt.
De kantonrechter beoordeelt of er sprake is van een spoedeisend belang en of de vorderingen in de bodemprocedure kans van slagen hebben. Gezien de omvang van de huurachterstand en het ontbreken van concrete stukken waaruit blijkt dat de huurder op korte termijn aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen, wordt de ontruiming toegewezen. De belangenafweging weegt in het voordeel van de verhuurder, mede omdat de huurder al eerder was gewaarschuwd en een andere vestiging heeft.
De huurder krijgt veertien dagen na betekening van het vonnis om het pand te ontruimen en moet de huurachterstand van € 13.516,78 betalen, verminderd met wettelijke handelsrente. Tevens worden de proceskosten en de wettelijke rente over deze kosten aan de verhuurder toegewezen. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat directe uitvoering mogelijk is.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen en betaling van de huurachterstand en proceskosten.