De burgemeester van Woerden heeft de woning van verzoeker gesloten voor drie maanden wegens de aanwezigheid van een handelshoeveelheid cocaïne en andere indicaties van drugshandel. Verzoeker betwistte dit en verzocht om een voorlopige voorziening tegen het besluit.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was om de woning te sluiten, omdat de aangetroffen hoeveelheid cocaïne (circa 5 gram) ruim boven de gebruikershoeveelheid ligt en er meerdere aanwijzingen voor handel waren, zoals weegschalen, simkaarten en contant geld. Verzoekers stelling dat de drugs voor eigen gebruik waren, werd niet aannemelijk geacht.
Verder werd beoordeeld of de sluiting noodzakelijk en evenwichtig was. Gezien de ernst van de situatie, de recidive van verzoeker en de kwetsbare woonwijk, was sluiting noodzakelijk. Hoewel de sluiting grote nadelige gevolgen voor verzoeker heeft, waaronder mogelijke dakloosheid, weegt het belang van de openbare orde en het voorkomen van drugshandel zwaarder.
De voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, waardoor de sluiting van de woning voor drie maanden in stand blijft. Verzoeker kan zijn bezwaarprocedure voortzetten om nieuwe feiten aan te voeren.