ECLI:NL:RBMNE:2025:6503

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
4 december 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
11945930 UV EXPL 25-277 CFd/63200
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:215 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijdering beweegbare camera zonder toestemming verhuurder

In deze kort geding procedure vordert Stichting Lekstedewonen, verhuurder van een woning, dat de bewindvoerder van huurder [A] wordt veroordeeld tot verwijdering van een beweegbare camera die zonder toestemming aan de voorgevel van de huurwoning is geplaatst.

De huurder heeft de camera geplaatst zonder voorafgaande schriftelijke toestemming, in strijd met de huurvoorwaarden die dergelijke veranderingen aan de buitenzijde verbieden zonder toestemming. Lekstedewonen stelt dat de camera inbreuk maakt op de privacy van omwonenden omdat deze deels gericht is op de openbare weg.

De kantonrechter oordeelt dat hoewel de huurder het recht heeft om zijn woning te beveiligen, dit niet onbegrensd is. De beweegbare camera die kan reageren op bewegingen maakt een te grote inbreuk op de privacy van derden. Een niet beweegbare camera gericht op het eigen terrein zou het belang van de huurder voldoende beschermen.

De bewindvoerder wordt veroordeeld de beweegbare camera binnen zeven dagen te verwijderen en verwijderd te houden. Het gevorderde verbod op het plaatsen van nieuwe camera’s wordt afgewezen omdat de huurvoorwaarden al voorschrijven dat toestemming vereist is. Ook de machtiging voor Lekstedewonen om zelf te verwijderen wordt afgewezen vanwege toezeggingen van de gedaagde.

De proceskosten worden gecompenseerd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Bewindvoerder wordt veroordeeld tot verwijdering van de beweegbare camera binnen zeven dagen.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 11945930 UV EXPL 25-277 CFd/63200
Vonnis in kort geding van 4 december 2025
in de zaak van
Stichting Lekstedewonen,
vestigingsplaats: Vianen,
eiseres,
verder ook te noemen: Lekstedewonen,
gemachtigde: mr. R. Boekhoff,
tegen
[gedaagde] B.V.in haar hoedanigheid van bewindvoerder van
[A] ,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
gedaagde,
verder ook te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. E. Kattestaart.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 11 november 2025, met bijlagen;
  • de conclusie van antwoord (‘pleitnotitie’), met één bijlage;
  • de mail van Lekstedewonen, met één bijlage;
  • de spreekaantekeningen van Lekstedewonen.
1.2.
Op 20 november 2025 is de zaak besproken tijdens een mondelinge behandeling, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt. Namens Lekstedewonen was aanwezig de heer [B] (woonconsulent wijkbeheerder) met de gemachtigde. Namens [gedaagde] was aanwezig de heer [C] met de heer [A] en de gemachtigde.
1.3.
Het vonnis is bepaald op vandaag.

2.De kern van de zaak

[A] heeft zonder toestemming van zijn verhuurder (Lekstedewonen) een beweegbare camera opgangen aan de voorgevel van zijn huurwoning. De bewindvoerder van [A] wordt veroordeeld om die camera te verwijderen. Het gevorderde verbod om nieuwe camera’s op te hangen wordt afgewezen. Dat geldt ook voor de door Lekstedewonen gevorderde machtiging om de camera zelf te verwijderen indien [gedaagde] niet meewerkt. De beslissing wordt hierna toegelicht.

3.De beoordeling

Inleiding
3.1.
[A] huurt van Lekstedewonen de woning aan de [adres] in [woonplaats] . Op de huurovereenkomst zijn de algemene huurvoorwaarden (hierna: de huurvoorwaarden) van Lekstedewonen van toepassing verklaard.
In de huurvoorwaarden staat onder meer het volgende:
“9.1 (…) Het is huurder alleen met voorafgaande schriftelijke toestemming van verhuurder toegestaan om veranderingen en toevoegingen aan de buitenzijde van het gehuurde aan te brengen. (…)
9.3
Alle veranderingen die zonder vereiste toestemming of in strijd met de voorwaarden van verhuurder zijn aangebracht worden op eerste aanzegging van verhuurder ongedaan gemaakt.”
3.2.
[A] heeft aan de voorgevel van het gehuurde (ter hoogte van de eerste verdieping) een beweegbare camera geplaatst. [A] heeft daarvoor geen toestemming van Lekstedewonen. Lekstedewonen heeft [gedaagde] en [A] verzocht de camera te verwijderen. Dat hebben zij niet gedaan.
Wat partijen willen
3.3.
Lekstedewonen eist in deze procedure dat [gedaagde] iedere camera (met uitzondering van de voordeurbel), die is aangebracht aan de buitenzijde van het gehuurde, verwijdert en verwijderd houdt. Ook eist Lekstedewonen een verbod tot het plaatsen van nieuwe camera’s aan de buitenzijde van het gehuurde zonder haar toestemming. In het geval [gedaagde] of [A] niet voldoet aan de veroordeling of het verbod eist Lekstedewonen een machtiging om de camera(s) zelf te (laten) verwijderen. [A] wil dat de camera die is bevestigd aan de voorgevel van de woning blijft hangen voor zijn veiligheid en om overlast te voorkomen.
Lekstedewonen heeft een spoedeisend belang
3.4.
Lekstedewonen heeft een spoedeisend belang bij haar vordering. De beweegbare camera is, al dan niet gedeeltelijk en al dan niet permanent, gericht op de openbare en voor publiek toegankelijke weg aan de voorzijde van het gehuurde. Daarmee kan de camera inbreuk maken op de privacy van omwonenden.
Het juridisch kader
3.5.
Het uitgangspunt is dat het [A] in beginsel is toegestaan om zonder toestemming van Lekstedewonen veranderingen en toevoegingen aan te brengen die bij het einde van de huur zonder noemenswaardige kosten ongedaan kunnen worden gemaakt (artikel 7:215 lid 1 BW Pro). Slechts voor veranderingen en toevoegingen
aan de buitenzijdevan het gehuurde kan hiervan worden afgeweken ten nadele van de huurder, in die zin dat daarvoor toestemming van de verhuurder kan worden verlangd (artikel 7:215 lid 6 BW Pro).
3.6.
Hoewel [A] het recht heeft om het gehuurde te beveiligen en toezicht te houden, is dat recht niet onbegrensd. Zo kan de plaatsing van een camera onrechtmatig zijn ten opzichte van Lekstedewonen en/of omwonenden indien [A] met de camera inbreuk maakt of kan maken op de privacy van omwonenden.
[A] moet de beweegbare camera verwijderen
3.7.
[A] heeft de camera geplaatst voor zijn veiligheid en om overlast te voorkomen. Dat rechtvaardigt in dit geval niet dat hij een beweegbare camera op de voorgevel van het gehuurde heeft geplaatst. Het belang van [A] kan namelijk voldoende worden gewaarborgd door plaatsing van een camera die niet kan bewegen en enkel gericht is op zijn eigen terrein. Op die manier wordt er geen, althans een minder vergaande inbreuk gemaakt op privacy van derden. De kantonrechter begrijpt dat Lekstedewonen eerder akkoord was met plaatsing van een dergelijke niet beweegbare camera. Het belang van Lekstedewonen om voorwaarden te stellen aan het gebruik en plaatsing van de camera weegt in dit geval zwaarder dan het belang dat [gedaagde] , of althans [A] , heeft bij het hebben van een camera die reageert, of kan reageren, op beweging. Dat betekent dat [gedaagde] de beweegbare camera moet verwijderen. Er is niet gesteld of gebleken dat er nog meer camera’s aan de buitenzijde van de woning zijn geplaatst. Daarom wordt [gedaagde] alleen veroordeeld tot verwijdering van de beweegbare camera aan de voorgevel van het gehuurde. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen, omdat [gedaagde] en [A] hebben aangegeven te zullen meewerken aan een veroordelend vonnis. Een extra prikkel tot nakoming is dus niet nodig.
Afwijzing overige vorderingen
3.8.
Het gevorderde verbod tot plaatsing van iedere nieuwe camera zonder toestemming van Lekstedewonen wordt afgewezen. In artikel 9.1 van de huurvoorwaarden is namelijk al bepaald dat [A] eerst toestemming moet vragen aan Lekstedewonen voor het plaatsen van een nieuwe camera. Lekstedewonen was eerder akkoord met plaatsing van een camera op de voorgevel, die niet beweegt en uitsluitend gericht is op het terrein van [A] . De kantonrechter gaat ervan uit dat Lekstedewonen voor het plaatsen van een dergelijke camera opnieuw toestemming verleent aan [gedaagde] . Ook voor een toevoeging aan die huurvoorwaarde van een dwangsom ziet de kantonrechter onvoldoende aanleiding, gelet op de toezeggingen van [A] en [gedaagde] .
3.9.
De gevorderde machtiging van Lekstedewonen om de camera zelf te verwijderen indien [gedaagde] niet meewerkt aan de veroordeling zal eveneens worden afgewezen gelet op de toezegging. Deze vordering is bovendien te algemeen en onbepaald omschreven.
De proceskosten worden gecompenseerd
3.10.
Omdat partijen over en weer in het (on)gelijk zijn gesteld zullen de proceskosten worden gecompenseerd. Dat betekent dat iedere partij de eigen kosten betaalt.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
3.11.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

4.De beslissing

De kantonrechter:
4.1.
veroordeelt [gedaagde] om binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis de beweegbare camera aan de buitenzijde (voorgevel) van de woning gelegen aan de [adres] in [woonplaats] te verwijderen en verwijderd te houden;
4.2.
compenseert de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;
4.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
4.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. F.H. Charbon en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2025.