Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. R.E. Craenen;
- de advocaat van de verdachte: mr. H.G. Koopman;
- de benadeelde partij: [slachtoffer] ;
2.Tenlastelegging
primairtenlastegelegd als een poging tot doodslag,
subsidiairals een zware mishandeling en
meer subsidiairals een poging tot zware mishandeling;
3.Bewijs
proces-verbaal van bevindingen [2] van 24 maart 2025 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
proces-verbaal aangifte [4] van 25 maart 2025 blijkt dat [slachtoffer] onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
proces-verbaal van bevindingen [6] van 24 maart 2025 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen [9] van 24 maart 2025 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 Wetboek van Strafvordering, te weten een Forensisch medische letselrapportage met benoeming als gerechtelijk deskundige, volgt onder meer het volgende, zakelijk weergegeven:
4.Kwalificatie en strafbaarheid
matewaarin die grenzen zijn overschreden. [18] Een potentieel dodelijke messteek is onder deze omstandigheden zodanig disproportioneel, dat de poging doodslag ook om die reden niet kan worden aangemerkt als een gevolg van een door de aanranding veroorzaakte hevige gemoedsbeweging.
5.Straf
6.Vordering benadeelde partij
7.Toegepaste wetsartikelen
8.De beslissing
gevangenisstrafvan
27 (zevenentwintig) maanden;
gevangenisstrafeen gedeelte van
24 (vierentwintig) maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
2 (twee) jarenvast;
taakstrafvan
240 (tweehonderdveertig) uren;
120 (honderdtwintig) dagenhechtenis;
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 585,- bestaande uit een vergoeding voor materiële schade;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 23 maart 2025 tot de dag van volledige betaling;