Eiseres heeft op 21 maart 2024 een aanvraag ingediend bij de Commissie Werkelijke Schade voor aanvullende compensatie. Verweerder, Dienst Toeslagen, heeft niet tijdig een besluit genomen. Eiseres stelde verweerder op 22 maart 2025 schriftelijk in gebreke, waarna zij op 4 juni 2025 beroep instelde tegen het uitblijven van een besluit.
De rechtbank stelt vast dat de wettelijke beslistermijn van maximaal 52 weken is overschreden en dat verweerder nog een besluit moet nemen. De uiterste datum voor het besluit is vastgesteld op 15 mei 2026. Tevens wordt een dwangsom van €50 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt, met een maximum van €15.000.
Verweerder had reeds een dwangsom van €1.442 toegekend conform de Awb, waarover de rechtbank zich niet verder uitlaat. Omdat het beroep gegrond is verklaard, wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres (€453,50) en het betaalde griffierecht (€53).