8.De beslissing
- verklaart bewezen dat de verdachte feiten 1 primair en 2 primair heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;
- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;
- verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;
- veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvan
120 (honderdtwintig) dagen
- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van
118 (honderdachttien) dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd zodat de verdachte niet naar de gevangenis hoeft, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
- stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaar vast;
- als voorwaarde geldt dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvan
240 (tweehonderdveertig) uur;
- beveelt dat voor het geval de verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;
vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 1] (feit 1 primair en feit 2 primair)
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 12.686,77, bestaande uit € 5.868,77 aan materiële schade en € 7.000,- aan immateriële schade;
- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf:
- immateriële schade: 7 januari 2024;
- materiële schade: 25 augustus 2025;
tot de dag van de algehele voldoening;
- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 12.686,77 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf:
- immateriële schade: 7 januari 2024;
- materiële schade: 25 augustus 2025
tot de dag van de algehele voldoening, bij niet betaling aan te vullen met 98 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partijen dan wel aan de Staat heeft vergoed;
vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 2] (feit 2 primair)
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 2.904,- bestaande uit
€ 1.404,- aan materiële schade en € 1.500,- aan immateriële schade;
- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf:
- immateriële schade: 7 januari 2024;
- materiële schade:
eigen risico zorgverzekering (€ 875,-): 22 augustus 2025;
ring (€ 410,-), oorbellen (€70,-) en telefooncamera (€ 49,-): 7 januari 2024;
tot de dag van de algehele voldoening;
- verklaart voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 2.904,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf:
- immateriële schade: 7 januari 2024;
- materiële schade:
eigen risico zorgverzekering (€ 875,-): 22 augustus 2025;
ring (€ 410,-), oorbellen (€70,-) en telefooncamera (€ 49,-): 7 januari 2024;
tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 39 dagen gijzeling.
- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. S.M. van Lieshout, voorzitter, mrs. M.J. Terstegge en S. Ourahma, rechters, in tegenwoordigheid van mrs. S.D. Pronk en M.A. van Loon, griffiers, en is in het openbaar uitgesproken op 10 september 2025.
De voorzitter en de jongste rechter zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.
Bijlage I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is na wijziging van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:
Feit 1
hij op of omstreeks 7 januari 2024 te Utrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een (op meerdere plekken) gebroken kaak en/of een gebroken jukbeen en/of één of meerdere
(af)gebroken/uitgeslagen tanden en/of een (zware) hersenschudding en/of een of meerdere zwellingen/bloeduitstortingen in het gelaat, althans op het lichaam van die [slachtoffer 1] , heeft toegebracht, door
- die [slachtoffer 1] te duwen, waardoor hij ten val kwam en/of
- vervolgens, terwijl die [slachtoffer 1] op de grond ligt, een of meerdere malen op het hoofd en/of de buik en/of de benen, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] te stompen/slaan en/of
- een of meerdere malen tegen het hoofd en/of de borst, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] te schoppen/trappen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 7 januari 2024 te Utrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [slachtoffer 1] heeft mishandeld door
- die [slachtoffer 1] te duwen, waardoor hij ten val kwam en/of
- vervolgens, terwijl die [slachtoffer 1] op de grond ligt, een of meerdere malen op het hoofd en/of de buik en/of de benen, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] te stompen/slaan en/of
- een of meerdere malen tegen het hoofd en/of de borst, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] te schoppen/trappen,
terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel, te weten een (op meerdere plekken) gebroken kaak en/of een gebroken jukbeen en/of één of meerdere (af)gebroken/uitgeslagen tanden en/of een (zware) hersenschudding en/of een of meerdere zwellingen/bloeduitstortingen in het gelaat, althans op het lichaam van die [slachtoffer 1] ten gevolge heeft gehad;
Feit 2
hij op of omstreeks 7 januari 2024 te Utrecht, openlijk, te weten aan de Oudegracht, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen personen, te weten [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] door
- die [slachtoffer 2] aan te spreken en/of
- die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] er niet langs te laten en/of
- die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] vast te pakken en/of
- die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] te duwen en/of
- die [slachtoffer 2] een of meerdere malen tegen haar gezicht/hoofd, althans het lichaam te slaan/stompen en/of
- die [slachtoffer 1] te duwen, waardoor hij ten val kwam en/of
- vervolgens, terwijl die [slachtoffer 1] op de grond ligt, een of meerdere malen op het hoofd en/of de buik en/of de benen, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] te stompen/slaan en/of
- een of meerdere malen tegen het hoofd en/of de borst, althans het lichaam van die [slachtoffer 1] te schoppen/trappen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 7 januari 2024 te Utrecht [slachtoffer 2] heeft mishandeld door haar één of meerdere malen tegen haar gezicht/hoofd althans het lichaam te slaan/stompen.