Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.[gedaagde sub 1] ,
2.
[gedaagde sub 2] BV,
1.De procedure
- de pleitnota van [eiser] ,
- de pleitnota van [gedaagde c.s] .
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
€ 6.000,00
Rechtbank Midden-Nederland
In deze kortgedingprocedure staat het gebruik van handelsnamen, domeinnamen, merken en digitale infrastructuur centraal tussen voormalige vennoten van een advies- en onderzoeksbureau. De samenwerking werd beëindigd en gedaagde stelde dat hij eigenaar was van de handelsnamen en domeinnamen, terwijl eiser dit betwistte.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de handelsnamen en domeinnamen toebehoren aan eiser, omdat deze op naam van de onderneming zijn geregistreerd en de namen gezamenlijk zijn bedacht en gebruikt. Auteursrecht op de namen werd verworpen, evenals het recht van gedaagde op de domeinnamen en merken, aangezien er geen geregistreerd merk is en domeinnamen geen intellectueel eigendomsrecht vormen.
Gedaagde werd verboden de handelsnamen en beeldmerken te gebruiken, en veroordeeld tot medewerking aan de tenaamstelling van de domeinnamen op naam van eiser. Tevens moet gedaagde de toegang tot digitale beheersystemen overdragen en mag hij de websites niet wijzigen. Vorderingen van gedaagde tot staken gebruik handelsnamen en domeinnamen werden afgewezen.
De voorzieningenrechter legde dwangsommen op voor overtredingen en veroordeelde gedaagde tot betaling van proceskosten en wettelijke rente. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en partijen werden aangemoedigd mediation te overwegen voor verdere afwikkeling van hun samenwerking.
Uitkomst: Gedaagde wordt verboden handelsnamen, domeinnamen en merken van eiser te gebruiken en moet medewerking verlenen aan tenaamstelling domeinnamen en digitale toegang overdragen.