In deze burengeschilprocedure vordert eiser een verklaring voor recht dat hij een erfdienstbaarheid of een recht van buurweg heeft om via het perceel van gedaagde partijen zijn perceel te bereiken. Gedaagden plaatsten een schutting die dit gebruik belemmert.
De rechtbank stelt vast dat geen erfdienstbaarheid is gevestigd en dat er geen erfdienstbaarheid door verjaring is ontstaan, omdat het vereiste van inbezitneming ontbreekt. Gebruik van het perceel alleen impliceert geen bezit, en bijkomende omstandigheden die dit zouden aantonen zijn niet vastgesteld. Ook is geen recht van buurweg ontstaan, mede omdat het perceel tot 2001 openbare weg was en daarna het huidige BW van toepassing is.
De vordering tot verwijdering van de schutting wordt afgewezen wegens gebrek aan rechtsgrond. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De tegenvordering van gedaagden behoeft geen beoordeling omdat de voorwaarde niet is vervuld.
Het vonnis is gewezen door mr. C.P. Lunter en op 18 juni 2025 in het openbaar uitgesproken.