ECLI:NL:RBMNE:2025:2376
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Klacht gegrond verklaard tegen verplichte medicatie wegens ernstige bijwerkingen
Betrokkene, gediagnosticeerd met schizofrenie en een neurocognitieve stoornis, leeft onder goede zorg en ontvangt verplichte medicatie in depotvorm. Hij ervaart ernstige bijwerkingen, waaronder parkinsonisme met heftig trillende handen, die zijn functioneren beperken. De rechtbank stelt vast dat de medicatie weliswaar is afgebouwd, maar dat verdere afbouw noodzakelijk is omdat de medicatie zwaarder weegt dan de voordelen.
De zorgmachtiging die het toedienen van medicatie toestaat, is geldig tot november 2025. De instelling heeft een nieuwe schriftelijke aanzeggingsbrief afgegeven, waarmee het formele bezwaar is weggenomen. De rechtbank beoordeelt echter dat de verplichte medicatie niet voldoet aan de eisen van proportionaliteit, subsidiariteit, doelmatigheid en veiligheid zoals vereist in artikel 2:1 Wvggz Pro.
Betrokkene functioneert redelijk goed zonder medicatie en kan een weloverwogen keuze maken over het afbouwen daarvan. De rechtbank acht het daarom proportioneel dat de medicatie verder wordt afgebouwd en dat betrokkene de kans krijgt zonder medicatie te functioneren, met adequate zorg en toezicht bij eventuele verslechtering.
De klacht tegen de verplichte medicatie wordt daarom gegrond verklaard en de verplichte toediening wordt aangepast in het belang van betrokkene.
Uitkomst: De klacht tegen verplichte medicatie wordt gegrond verklaard en verdere afbouw van medicatie wordt toegestaan.