In deze zaak vordert eiser ontruiming van zijn woning die sinds 2008 door gedaagde sub 1 is gekraakt. Gedaagde voert verweer met verkrijgende verjaring en rechtsverwerking, maar de voorzieningenrechter verwerpt deze verweren.
De rechtbank overweegt dat langdurige bewoning niet automatisch leidt tot bezit met eigendomspretentie en dat gedaagde sub 1 erkent dat hij de woning slechts in gebruik heeft genomen. Ook is niet voldaan aan de vereisten voor verkrijgende verjaring, waaronder goed vertrouwen en de verjaringstermijn van twintig jaar. Rechtsverwerking wordt niet onderbouwd en daarom verworpen.
De voorzieningenrechter weegt het eigendomsrecht van eiser zwaarder dan het huisrecht van de kraker, mede vanwege concrete bouwplannen en een onherroepelijke omgevingsvergunning. De ontruiming wordt toegewezen met een termijn van zes maanden voor gedaagde sub 1 om de woning te verlaten. Tevens wordt een dwangsom opgelegd en wordt het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.