De procedure over omgang tussen de vader en zijn twee minderjarige kinderen loopt sinds 2019. De kinderen wonen bij de moeder, die het gezag heeft. De ouders zijn het oneens over omgang; de vader wil om het weekend contact, de moeder wil het recht op omgang ontzeggen.
De rechtbank heeft meerdere keren de beslissing uitgesteld om contactherstel te bevorderen via ouderschapsbemiddeling, voorlopige omgangsregelingen onder begeleiding en Raadsonderzoeken. Ondanks deze inspanningen heeft de vader geen actieve rol genomen; hij meldde zich niet aan bij begeleidingsinstanties en nam geen contact op met de kinderen.
De rechtbank concludeert dat het niet in het belang van de kinderen is de procedure voort te zetten, omdat het gebrek aan contact schadelijk is maar verdere onrust en onzekerheid moet worden voorkomen. De vader krijgt geen omgangsregeling, maar het recht op omgang wordt niet ontzegd omdat de situatie niet ernstig genoeg is. De vader kan in de toekomst zelf initiatief nemen voor contactherstel.
Beide ouders dragen hun eigen proceskosten. De beschikking is op 10 april 2025 uitgesproken door kinderrechter R.M. Maliepaard.