ECLI:NL:RBMNE:2025:169
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift WOZ-waarde en aanslag OZB
De heffingsambtenaar heeft op 31 oktober 2023 de WOZ-waarde van een onroerende zaak vastgesteld en daarbij de aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) opgelegd. Eiseres diende op 4 januari 2024 een bezwaarschrift in, ruim na de wettelijke termijn van zes weken. De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaarschrift inderdaad te laat is ingediend en dat er geen verschoonbare reden is voor de termijnoverschrijding. De betaling van de aanslag op 10 november 2023 via automatische incasso bevestigt dat de aanslag tijdig bekend was. De rechtbank wijst het beroep daarom af en handhaaft de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar.
Daarnaast verzoekt eiseres om een vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke behandeltermijn. De rechtbank stelt dat de termijn van twee jaar voor bezwaar en beroep nog niet is overschreden en wijst dit verzoek af. Ook een verzoek van de heffingsambtenaar om proceskosten toe te wijzen wordt afgewezen, omdat er geen kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht is vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard vanwege te late indiening van het bezwaarschrift zonder verschoonbare reden.